Over marsl

Door altijd met media producten en ontwikkelingen bezig te zijn en een hoop praktijkervaring, bevalt het me enorm om kennis over te dragen. Mixed media houdt in dat verschillende uitingen met elkaar gekoppeld kunnen worden om een doel te bereiken. Leren en doen is net motto...

Stagebegeleiding

Theoretische Onderbouwing stagebegeleiding: “De Eindstreep”

1. Reflectieve Dialoog & Betekenisvol Leren (Korthagen)

Binnen het beroepsonderwijs (zoals het Summa College) is reflectie de motor achter professionele ontwikkeling. Vraag 5 (“Wie was je toen je hier binnenstapte, wie ben je nu…”) legt direct de link met de Reflectiecyclus van Korthagen.

  • Theorie: Korthagen stelt dat reflectie niet alleen over het handelen moet gaan (wat deed je?), maar juist over de persoon en diens identiteit (wie ben je?).
  • Koppeling praktijk: Door de studenten in een interviewsetting te bevragen op hun transformatie (‘Toen vs. Nu’), stimuleer ik een diepere laag van zelfbewustzijn en professionele identiteitsontwikkeling. De podcastvorm zorgt ervoor dat dit geen administratieve verplichting wordt, maar een betekenisvolle dialoog.

2. Formative Assessment & Voortgangsgerichte Feedback (Hattie & Timperley)

Vraag 2 en 4 richten zich op de opdrachten en de eindpresentatie. Het feit dat ik als begeleider hier direct kort feedback aan toevoeg, sluit aan bij de principes van Formative Assessment (formatief evalueren).

  • Theorie: Volgens Hattie en Timperley is effectieve feedback opgebouwd uit drie componenten: Feed up (waar ga ik naartoe?), Feed back (hoe doe ik het nu?) en Feed forward (wat is de volgende stap?).
  • Koppeling praktijk: De podcast fungeert als een ‘Feed forward’-moment. Hoewel de stage erop zit, helpt de evaluatie de studenten om concrete leerpunten mee te nemen naar hun verdere loopbaan of studie (“wat is het meest reële leerpunt dat je meeneemt?”).

3. De Begeleidingsdriehoek & Sociaal-Constructivisme (Vygotsky)

Het script besteedt specifiek aandacht aan de samenwerking tussen de student, de dagelijkse begeleider (ik), de mentor (Max) en de proeve-afnemer (Freek). Dit raakt de kern van het sociaal-constructivisme.

  • Theorie: Leren vindt plaats in interactie met de omgeving. Vygotsky spreekt over de Zone van Naaste Ontwikkeling, waarin een student groeit door de juiste ondersteuning (scaffolding) van experts om zich heen.
  • Koppeling praktijk: Door in deel 3 en 4 expliciet met Max en Freek te reflecteren op de taakverdeling en het niveau, borg ik de kwaliteit van de begeleiding en examinering. Ik toon hiermee aan dat je als docent/begeleider in staat bent om een professioneel netwerk rondom de student te regisseren ten behoeve van diens leerproces.

4. Evaluatie van Eigen Pedagogisch-Didactisch Handelen

Voor mijn PDG is niet alleen de groei van de student van belang, maar juist ook mijn eigen groei als startend begeleider. Het script laat zien dat ik zelf me kwetsbaar en lerend opstel.

Koppeling praktijk: In vraag 3 en vraag 5 dwing ik de gasten (zowel studenten als collega’s) om feedback te geven op jmijn allereerste keer als dagelijks begeleider. Hiermee operationaliseer ik het PDG-criterium “onderzoeken en verbeteren van de eigen onderwijspraktijk”.
Theorie: Een professionele docent reflecteert continu op de eigen rol en de effectiviteit van de gekozen begeleidingsstijl (Kessels & Harrison: De lerende organisatie).

Silke de stagiare

Op de foto met deze twee kanjers!

Hier komt de podcast

Expeditie – Les 06

21-05-2026 – Deze bijeenkomst stond in het teken van de professionele ontwikkeling van docenten, met een specifieke focus op formatief handelen, feedbackstrategieën en groepsdynamiek. De deelnemers deelden succeservaringen uit hun onderwijspraktijk en discussieerden over de ethische grenzen van het docentschap, zoals sociale interacties met studenten buiten de schoolcontext. Er werd geconcludeerd dat effectief onderwijs vraagt om een sterke samenhang tussen leerdoelen, activiteiten en toetsing, waarbij de focus ligt op het leerproces in plaats van op cijfers.

Succesmomenten in de onderwijspraktijk

•  Succesmomenten in de onderwijspraktijk (check in – succesverhalen vertellen)

  • Student 1 creëert direct vertrouwen bij onbekende studenten door contact te maken en duidelijkheid te scheppen.
  • Student 2 ontving twee uitnodigingen voor bruiloften van studenten als blijk van waardering.
  • Student 3 ondersteunde een student bij het professioneel communiceren met een docent over een conflict.
  • Student 4 gaf een praktijkles EHBO op vrijdagmiddag waarbij studenten vroegen om extra oefentijd.
  • Student 5 zag BPV-opdrachten die het vereiste niveau overstegen door toepassing in de eigen werkomgeving.
  • Student 6 analyseerde de groepsdynamiek via een anonieme vragenlijst over motivatie en ideale docenteigenschappen.

Beroepsethiek en sociale grenzen
• Bart houdt werk en privé strikt gescheiden en bezoekt geen bruiloften van studenten.
• Jamie bezoekt bruiloften alleen als de volledige mentorklas aanwezig is.
• Deelnemers bespraken de ongemakkelijke situaties bij het tegenkomen van studenten tijdens carnaval op Stratumseind.
• De normen voor relaties tussen docenten en studenten zijn door de jaren heen aangescherpt.
• Professionele distantie blijft een punt van discussie binnen sociale beroepsopleidingen.

Effectieve leermethoden: Schrijven versus typen
• Onderzoek uit Texas (2016) toont aan dat fysiek schrijven effectiever is voor het onthouden van informatie dan typen.
• Typen wordt vaak een mechanische vaardigheid waarbij de inhoudelijke verwerking achterblijft.
• Schrijven in eigen woorden dwingt de student tot actieve verwerking van de stof.
• Docenten wordt geadviseerd eerst uitleg te geven en daarna pas tijd in te ruimen voor een samenvatting.
• Mindmaps, woordwebben en tekeningen zijn effectieve alternatieven voor tekstuele aantekeningen tijdens de les.

Formatief handelen en de Llearn podcast
• Formatief handelen betekent “vormend” en is een continu proces om het leerproces bij te sturen.
• Constructive alignment vereist een directe koppeling tussen leerdoelen, toetsing en leeractiviteiten.
• René Kneyber en Dominique Sluijsmans bespreken deze methodiek in de “Llearn podcast”.
• Voorkennis ophalen is essentieel om te bepalen of de klas klaar is voor de volgende stap.
• Informatie ophalen uit de klas gebeurt via wisbordjes, onderwijsleergesprekken en gerichte beurten.
• Formatief handelen dient om de docent te informeren over de benodigde vervolgacties in de les.

Feedbackstrategieën en de theorie (casus mede student)
• Feedback is pas effectief als de student de mogelijkheid krijgt om de informatie direct toe te passen.
• De theorie van Hattie en Timperley onderscheidt drie vragen: Waar ga ik heen? Hoe doe ik het nu? Wat is de volgende stap?
• Feedback op taakniveau is veiliger en minder emotioneel beladen dan feedback op persoonlijk niveau.
• Landingsplekken voor feedback zijn noodzakelijk om te voorkomen dat studenten informatie negeren na het behalen van een cijfer.
• Cijfers kunnen de groei remmen omdat studenten stoppen met inspanning zodra een voldoende is bereikt.
• Beeldcoaching wordt ingezet als instrument om objectieve feedback te geven op basis van video-opnames.

Groepsdynamiek en klassensamenstelling
• Het mixen van niveau 3 en niveau 4 studenten leidt tot grote verschillen in zelfstandigheid en motivatie.
• Bij Summa heeft naar schatting 75% van de studenten een specifieke zorgvraag.
• Oudere studenten (25-30 jaar) ervaren vaak frictie met jongere pubers in dezelfde BOL-klas.
• De AMN-test wordt tijdens de intake gebruikt om de begeleidingsbehoefte en numerieke/talige vaardigheden te meten.
• Heterogene groepen kunnen zwakkere studenten helpen, maar frustreren soms de snellere studenten.
• Investeren in groepsdynamiek aan het begin van het jaar is belangrijker dan de exacte verdeling van studenten.

Besluiten en actiepunten
• Luister naar de Llearn podcast over formatief handelen voor verdieping van de didactiek.
• Plaats links naar eigen websites in Canvas zodat feedback centraal geregistreerd wordt.
• Gebruik de AMN-testresultaten actiever bij het inschatten van de beginsituatie van nieuwe klassen.
• Implementeer snelle controlemiddelen zoals wisbordjes om de voortgang van de hele groep te monitoren.
• Plan een les over het geven en ontvangen van feedback om de emotionele impact bij studenten te verkleinen.
• Onderzoek per team of de huidige klassensamenstelling (mix niveau 3/4) nog werkbaar is voor de docenten.

Beeldend onderwijs

Een dialoog over de synergie tussen organisatie en beeldend onderwijs.

In deze korte podcast reflecteer ik samen met collega José op het project Tijdschrift en Bubbles. Waar José de organisatorische basis legde voor het tijdschrift en product restyling, heb ik vanuit mijn PDG-traject de visuele vertaalslag gemaakt door middel van fotografie en video.

In deze aflevering bespreken we:

  • De meerwaarde van beeld: Hoe fotografie en video de tekstuele inhoud versterken en de boodschap toegankelijker maken voor de doelgroep.
  • Samenwerking & Dynamiek: De wisselwerking tussen de organisatorische kaders van José en mijn creatieve/didactische invulling.
  • PDG-Leeropbrengst: Een korte terugblik op mijn groei in het ontwerpen van multimediaal lesmateriaal en de impact daarvan op de leeromgeving.

“…van Basis tot Regie”

Theoretische Onderbouwing
De didactische opzet van het SkillsLab bij de opleiding Marketing, Communicatie & Events is geanalyseerd aan de hand van het model van  Het Curriculair Spinnenweb Van den Akker om de interne consistentie van het programma aan te tonen.

1. Visie (De kern): Waarom leren ze dit?
De centrale visie is het opleiden van de “Content Creator van de toekomst”. Het doel is niet het reproduceren van theorie, maar het ontwikkelen van een professionele identiteit door middel van doen, experimenteren en reflecteren.
2. Leerdoelen: Waar werken ze naartoe?
De doelen zijn geformuleerd als beheersingscriteria (badges). Studenten werken toe naar de ‘Professional Standard’: het zelfstandig kunnen produceren van kwalitatieve media-uitingen.
3. Leerinhoud: Wat leren ze?
De inhoud is verdeeld in drie blokken die oplopen in complexiteit:
Blok 1 (Basis): Fotografie, film, podcasting.
Blok 2 (Specialisatie): Keuze-workshops zoals 360° fotografie of vloggen.
Blok 3 (Integratie): Complexe producties zoals een Live-Stream TV Show.
4. Leeractiviteiten: Hoe leren ze?
De activiteiten zijn uitsluitend praktijkgericht. Studenten voeren opdrachten uit in de studio, zoals het maken van een “Hero Shot” bij productfotografie of het voeren van een radio-interview met de LSD-techniek.
5. Docentrol: Hoe wordt er begeleid?
De docent fungeert als coach/facilitator. Er wordt ingezet op zelfredzaamheid: studenten kijken eerst instructievideo’s op SharePoint; de coach biedt ‘scaffolding’ op de werkvloer bij complexe technische vraagstukken.
6. Bronnen en Materialen: Waarmee leren ze?
Het SkillsLab stelt professionele apparatuur beschikbaar (DJI gimbals, Rodecaster Pro II mengpanelen, Adobe Creative Cloud). Daarnaast dient de SharePoint als digitale kennisbron met video-instructies.
7. Groeperingsvormen: Met wie leren ze?
Individueel: Basisvaardigheden en portfolio-opbouw.
Duo’s: Presentatietechniek (presentator/operator).
Teams: Grote producties in Blok 3 (regisseur, host, technicus).
8. Leeromgeving: Waar leren ze?
De fysieke studio’s fungeren als een authentieke leeromgeving. Het “Studio Protocol” (geen jassen, tassen of eten) dwingt een professionele werkhouding af die identiek is aan de praktijk.
9. Tijd: Wanneer leren ze het?
Het curriculum is strak gepland in blokken van 10 weken. Workshops variëren in duur van 60 minuten tot intensieve sessies van 300 minuten (zoals de Aftermovie workshop).
10. Toetsing: Hoe wordt de voortgang bepaald?
Toetsing is formatief en badge-gestuurd:
Badges: Bewijs van technische beheersing.
Media Paspoort: Voor reflectie en persoonlijke reviews.
Peer-feedback: Studenten beoordelen elkaars presentaties en teamwork met specifieke formulieren.

PDG Persoonlijke reflectie:
Door het Spinnenweb toe te passen, toon ik aan dat de keuze voor authentieke materialen (component 6) en de professionele studio-omgeving (component 8) direct ondersteunend zijn aan de centrale visie (component 1) om studenten voor te bereiden op hun stage in het werkveld.

Expeditie – Les 05

Emoties en Leerprocessen in het Onderwijs: Ervaringen en Inzichten
In deze bijeenkomst sprak de groep voornamelijk over hun ervaringen met emoties tijdens hun studie en het onderwijsproces. Er werd veel aandacht besteed aan de uitdagingen in toetsing en leervaardigheden, alsook de omgang met stress en perfectionisme. De deelnemers deelden hun persoonlijke worstelingen en inzichten, wat leidde tot een constructieve discussie over hoe ze hun ervaringen konden vertalen naar effectieve leermethoden en samenwerking.

Ervaringen met emotie en stress tijdens de studie
– Een deelnemer beschrijft zijn strijd met de BKE-cursus en de emoties die daarbij kwamen kijken, zoals stress en weerstand.
– De cursus draaide om toetsing, wat leidde tot gevoelens van frustratie en angst voor mislukking.
– Een ander lid deelt zijn gevoelens van machteloosheid tijdens het leren en hoe dit zijn motivatie beïnvloedde.
– Er zijn gesprekken over gevoelens van inspiratieloosheid en frustratie wanneer leerdoelen niet duidelijk zijn.

Toetsing en leeruitkomsten
– Er werd gesproken over hoe toetsing en leerdoelen soms tegenstrijdig kunnen zijn met de realiteit van leren en doceren.
– Een deelnemer geeft aan dat toetsing meer procesgericht moet zijn.
– Er is een discussie over de noodzaak van reflectie op toetsingsmethoden en hoe deze verbeterd kunnen worden.

Samenwerking en ondersteuning
– De groep verkent manieren om steun te bieden aan elkaar en de voordelen van gezamenlijk leren.
– Er ontstaan ideeën over buddy-systemen waarbij studenten elkaar kunnen helpen.
– De deelnemers delen strategieën om elkaar te ondersteunen om het leren effectiever te maken.

Leermethoden en aanpak
– Er was een vruchtbare discussie over het inzetten van diverse werkvormen en leermethodes.
– Voorbeelden uit de praktijk werden gedeeld om de discussies te verlevendigen.
– Er zijn ideeën voor het integreren van theoretische lessen met praktijkervaring.
– Verschillende pijnpunten in de organisatie en uitvoering van het onderwijs worden geïdentificeerd.

Conclusies & Volgende stappen
– De deelnemers worden aangemoedigd om ervaringen te delen en van elkaar te leren, met een focus op het toepassen van effectieve leermethoden.
– Er is een oproep om verder na te denken over de rol van emoties in leren en onderwijs en hoe deze een bijdrage kunnen leveren aan de ontwikkeling van zowel studenten als leerkrachten.

Expeditie – Les 03

Tijdens de bijeenkomst bespraken de deelnemers diverse onderwijskundige thema’s, met een focus op uitdagingen rondom studentenbetrokkenheid en beoordeling. Belangrijke onderwerpen waren het aanpakken van toetsstress, het belang van effectief onderwijsontwerp en praktische strategieën voor het opdelen van leerdoelen en het bevorderen van betekenisvol leren. De sessie omvatte ook de structuur van een lopende opdracht voor het ontwerpen van leertrajecten en eindigde met de planning van toekomstige bijeenkomsten.

Toetsstress en de impact op studenten

– Debbie deelde persoonlijke ervaringen met toetsstress, waaronder het meerdere keren zakken voor rijexamens ondanks jarenlange rijervaring, wat leidde tot een zoektocht naar “ontspannen toetsen”.
– Uit onderzoek blijkt dat 97% van de mensen in meer of mindere mate toetsstress ervaart.
– Huidige toetsmethoden, zoals SVB-examens en rekentoetsen, worden vaak als talig en complex ervaren, wat leidt tot problemen, vooral bij studenten met Nederlands als tweede taal.
– Sommige studenten onderschatten de voorbereiding op toetsen, terwijl anderen juist blokkeren door stress.
– Er is een patroon van ziekmeldingen op toetsdagen en het missen van toetsen door vergeetachtigheid of andere prioriteiten, zoals rijlessen.
– Debbie pleit voor een andere benadering dan ademhalingsoefeningen om stress te verminderen, en stelt voor om te focussen op “lerend kwalificeren” gedurende het hele proces.

Visie op onderwijs en beoordeling

– Debbie benadrukt het belang van het zichtbaar maken van het leerproces en het vragen om feedback, om zo minder verrassingen te hebben bij de eindbeoordeling.
– Er is kritiek op het huidige systeem waarbij studenten gemiste studiepunten later in een korte periode kunnen repareren, wat een verkeerd signaal afgeeft aan gemotiveerde studenten.
– Debbie stelt voor om meer af te rekenen op resultaat en minder op het “gesprek aangaan” bij het missen van deadlines of lessen.
– Het belang van duidelijke regels en consequenties wordt onderstreept, vergelijkbaar met de aanpak van Fontys waar gemiste kansen leiden tot herinschrijving voor een module.
– Debbieerkent dat luisteren niet hetzelfde is als leren en dat studenten inzicht moeten krijgen in hoe zij zelf leren (zelfregulatie).

Ontwerp van leertrajecten en didactische modellen

– Het ontwerpen van onderwijs moet beginnen met een visie op leren en wat men wil veranderen of bereiken.
– Een deelnemer gaf als voorbeeld een verouderd leertraject over communicatie met weinig aansprekende werkvormen, dat moet worden aangepast voor verschillende niveaus (niveau 3/4) en zowel BOL als BBL.
– Debbie introduceerde het “spinnenweb van Van der Akker” als een didactisch model om alle facetten van onderwijs in beeld te brengen, waarbij veranderingen in één onderdeel invloed hebben op andere. Andere modellen zoals backwards design en constructive alignment werden ook genoemd.
– Het belang van theoretische onderbouwing voor gemaakte keuzes in het onderwijsontwerp werd benadrukt.
– De spreker moedigde aan om theorie te zoeken over onderwerpen als “gamification,” “betekenisvol leren,” “aansluiten bij de belevingswereld van studenten,” en “differentiatie.”

Effectieve leeractiviteiten en inhoud

– De discussie ging over de effectiviteit van werkvormen, zoals het overschrijven van PowerPoints (ineffectief) versus het maken van samenvattingen of uitleggen aan anderen (effectiever).
– Het belang van het opknippen van grote leerdoelen in kleinere, concrete lesdoelen met duidelijke succescriteria werd geïllustreerd met voorbeelden zoals “een tafeltje timmeren” en “een pirouette maken.”
– De noodzaak om het nut van de leerstof voor studenten duidelijk te maken (autonome motivatie) werd besproken, bijvoorbeeld door praktijkvoorbeelden te gebruiken of diagnostische toetsen aan het begin van een periode.
– Er werd benadrukt dat docenten rekening moeten houden met het voorkennisniveau van studenten en terminologie moeten uitleggen.
– Debbie stelde voor om verwerkingsopdrachten onderdeel te maken van de toetsing om de waarde ervan te verhogen en studenten te motiveren.
– De rol van de docent als coach en begeleider in het leerproces werd besproken, waarbij inzicht in het leerproces van de student waardevoller kan zijn dan een momentopname van kennis.

Opdracht en planning

– De lopende opdracht omvat het ontwerpen van een leertraject, beginnend met een doelgroepanalyse, de reden voor het herontwerp (visie), de keuze van een didactisch ontwerpmodel, en de theoretische onderbouwing van deze keuzes.
– De leerdoelen moeten worden ontleend aan kwalificatiedossiers en worden vertaald naar concrete lesdoelen.
– De eindtoetsing moet worden beschreven, waarbij wordt nagedacht over hoe informatie over de kennis en vaardigheden van studenten wordt verkregen.
– Debbie gaf aan dat de volgende lessen zich zullen richten op leeractiviteiten en inhoud.
– Er werd een planning besproken voor de komende lessen, met de mogelijkheid voor individuele feedback op de voortgang van de opdracht.

Conclusies en volgende stappen

– De deelnemers worden aangemoedigd om de besproken concepten toe te passen in hun eigen onderwijsontwerp.
– De volgende lessen zullen dieper ingaan op leeractiviteiten en inhoud.
– Er is gelegenheid voor individuele feedback op de voortgang van de opdracht.
– De spreker zal proberen de theorie vaker en in kortere sessies te behandelen en peerfeedback te stimuleren.

Project Mini Onderneming

Projectbeschrijving: Shorts voor Propositie E&O (Summa)

1. Context & Rol:
Als onderdeel van het project ‘Zelfstandig ondernemen’ fungeer ik als media-expert binnen het Skillslab. In deze rol werk ik vraaggestuurd: ik adviseer en begeleid studenten bij het realiseren van hun mediaprojecten op basis van praktijkvragen.

2. De Opdracht: Contentcreatie E&O:
Voor de propositie Economie & Ondernemen (E&O) van het Summa College heb ik de regie gevoerd over het maken van ‘shorts’ (korte video-content).
Doel:
Het versterken van de online zichtbaarheid en de propositie van E&O.
Samenwerking:
Deze opdracht is uitgevoerd in nauwe afstemming met de directie (Johan) en de dienst Marketing en Communicatie (Marnik). Hun visie en strategische kaders vormden de basis voor de visuele vertaling in de video’s.

3. Werkzaamheden & Vaardigheden
In dit proces heb ik de volgende professionele skills ingezet en ontwikkeld:
Vraaggestuurde begeleiding:
Studenten ondersteunen bij het vertalen van een abstracte propositie naar concrete beelden.
Netwerken en Afstemming:
Schakelen tussen de wensen van de opdrachtgever (Marketing & Communicatie) en de uitvoering door studenten.
Kwaliteitsbewaking:
Toezien op de huisstijl en de boodschap, zoals vastgelegd in de communicatiestrategie van het Summa.

4. Portfolio-onderdelen
Ter onderbouwing van deze opdracht zijn de volgende documenten in mijn portfolio opgenomen:
Evaluatie:
De feedback van de opdrachtgever over het eindresultaat en de samenwerking
Plan van Aanpak:
De afspraken over deadlines en de verwachtingen van de opdrachtgever.
Product: De opgeleverde shorts.
Bewijs van Samenwerking:
Presentaties en filmfragmenten van Johan en Marnik, die de strategische context van de opdracht bevestigen.