In overleg met Debbie heb ik deze les overgeslagen om te helpen bij het Crafted-project van de afdeling. Zoals Debbie het verwoordde: “Daar leer je ook veel van.”
Via deze link vind je meer informatie over het Crafted-traject dat ik heb meebegeleid.

In overleg met Debbie heb ik deze les overgeslagen om te helpen bij het Crafted-project van de afdeling. Zoals Debbie het verwoordde: “Daar leer je ook veel van.”
Via deze link vind je meer informatie over het Crafted-traject dat ik heb meebegeleid.

De Uitdagingen van Diversiteit en Inclusie in het Onderwijs
De bijeenkomst richtte zich op de afronding van het schooljaar bij het Summa College en een workshop over diversiteit, inclusie en gelijkwaardigheid. Er werd gesproken over de werkdruk rondom examens, de start van mentorschap voor beginnende docenten en het herkennen van onbewuste vooroordelen (mindbugs) in de klas. De deelnemers analyseerden hun eigen rol als docent aan de hand van het ijsbergmodel en filmfragmenten om een inclusiever leerklimaat te creëren.
Afronding van het schooljaar en werkdruk
• De meeste examens zijn inmiddels afgerond en ingeleverd.
• Summa hanteert een deadline voor examens van vijf tot zes weken voor het einde van het jaar.
• Docenten ervaren de voorbereiding op het nieuwe schooljaar als zwaarder dan de afronding van het huidige jaar.
• Roosters wijzigen vaak op het laatste moment, zowel vlak voor als direct na de zomervakantie.
• Onverwachte wijzigingen in lesbezoeken dwingen docenten om hun programma op het laatste moment om te gooien.
Mentorschap voor beginnende docenten
• PDG Student 1 vraagt advies over het ideale startmoment voor het mentorschap.
• PDG Student 1 ervaart zijn jonge leeftijd en beperkte kennis van het Summa-systeem (zoals studiepunten) als drempels.
• In het ontwikkelgesprek van PDG Student 1 is vastgelegd dat hij momenteel nog niet klaar is voor het mentorschap.
• De groep adviseert beginnende mentoren om het eerste jaar mee te lopen met een ervaren buddy.
• Debbie benadrukt dat leeftijd ondergeschikt is aan de bereidheid om zaken uit te zoeken voor studenten.
• Mentorschap biedt waardevolle input voor de loopbaantaken binnen het PdG-traject (Primair Proces).
Workshop Diversiteit en Inclusie
• Maartje (zorgcoach en schoolopleider bij Ooze/Summa) verzorgt een workshop over diversiteit.
• Deelnemers gebruiken textielstickers om elkaar bij de voornaam te kunnen noemen.
• Een interactieve oefening (“Stap naar voren als…”) brengt overeenkomsten en verschillen in de groep in kaart.
• Deelnemers bespreken hun unieke kwaliteiten, zoals empathie, flexibiliteit en het vermogen om te inspireren.
• Diversiteit wordt gedefinieerd als de mix van verschillen, inclusie als het meedoen van iedereen, en gelijkwaardigheid als het meetellen van iedereen.
Theorie: Mindbugs en het IJsbergmodel
• Het ijsbergmodel onderscheidt zichtbare verschillen (boven water) van onzichtbare verschillen (onder water).
• Mindbugs zijn onbewuste vooroordelen die iedereen heeft om de wereld te categoriseren.
• Het raadsel van de chirurg illustreert hoe onbewuste genderassociaties (chirurg = man) de waarneming beïnvloeden.
• Vooroordelen over uiterlijk, kleding (zoals leggings) of afkomst zijn menselijk en dienen vaak als overlevingsmechanisme.
• In het onderwijs is het essentieel om bewust te zijn van deze vooroordelen om studenten gelijke kansen te bieden.
Analyse van “The Line Game” (Freedom Writers)
• De groep bekijkt een fragment uit de film Freedom Writers over een klas in een achterstandswijk.
• De docent in de film maakt verborgen trauma’s en rivaliteit zichtbaar via een lijnspel.
• Veiligheid wordt gecreëerd door studenten dagboeken te laten schrijven die de docent alleen met toestemming leest.
• De discussie richt zich op het gebruik van straattaal en het aansluiten bij de belevingswereld van de student.
• Er wordt geconstateerd dat leren pas plaatsvindt wanneer de docent een oprechte verbinding maakt met de student.
Praktische toepassing en groepsdynamiek
• Extraverte studenten eisen vaak onbewust meer aandacht op dan introverte studenten.
• Docenten moeten bewust namen noemen van rustige studenten om hen actief bij de les te betrekken.
• Het gebruik van een “mediapaspoort” met badges helpt om de voortgang van elke individuele student zichtbaar te maken.
• Gelijkwaardigheid betekent niet dat iedereen hetzelfde krijgt, maar dat iedereen krijgt wat hij nodig heeft om te groeien.
• De groep bespreekt hoe persoonlijke allergieën voor bepaald gedrag (zoals luiheid) de objectiviteit kunnen beïnvloeden.
Besluiten en actiepunten
• De volgende bijeenkomst vindt plaats op 18 juni en behandelt groepsdynamiek en het motiverend leerklimaat.
• De extra les op 25 juni komt te vervallen, mits er geen calamiteiten of ziektegevallen optreden.
• Debbie deelt de presentatie over diversiteit en inclusie met de groep via Canva.
• Deelnemers die informatie willen over methodieken voor groepsverdeling sturen een e-mail naar Debbie.
• Debbie controleert op vrijdag alle binnengekomen e-mails en gemarkeerde opdrachten.
• Deelnemers vragen na de vakantie feedback aan hun studenten over het leerklimaat voor hun functioneringsgesprek.
Tijdens de bijeenkomst bespraken de deelnemers diverse onderwijskundige thema’s, met een focus op uitdagingen rondom studentenbetrokkenheid en beoordeling. Belangrijke onderwerpen waren het aanpakken van toetsstress, het belang van effectief onderwijsontwerp en praktische strategieën voor het opdelen van leerdoelen en het bevorderen van betekenisvol leren. De sessie omvatte ook de structuur van een lopende opdracht voor het ontwerpen van leertrajecten en eindigde met de planning van toekomstige bijeenkomsten.
– Debbie deelde persoonlijke ervaringen met toetsstress, waaronder het meerdere keren zakken voor rijexamens ondanks jarenlange rijervaring, wat leidde tot een zoektocht naar “ontspannen toetsen”.
– Uit onderzoek blijkt dat 97% van de mensen in meer of mindere mate toetsstress ervaart.
– Huidige toetsmethoden, zoals SVB-examens en rekentoetsen, worden vaak als talig en complex ervaren, wat leidt tot problemen, vooral bij studenten met Nederlands als tweede taal.
– Sommige studenten onderschatten de voorbereiding op toetsen, terwijl anderen juist blokkeren door stress.
– Er is een patroon van ziekmeldingen op toetsdagen en het missen van toetsen door vergeetachtigheid of andere prioriteiten, zoals rijlessen.
– Debbie pleit voor een andere benadering dan ademhalingsoefeningen om stress te verminderen, en stelt voor om te focussen op “lerend kwalificeren” gedurende het hele proces.
– Debbie benadrukt het belang van het zichtbaar maken van het leerproces en het vragen om feedback, om zo minder verrassingen te hebben bij de eindbeoordeling.
– Er is kritiek op het huidige systeem waarbij studenten gemiste studiepunten later in een korte periode kunnen repareren, wat een verkeerd signaal afgeeft aan gemotiveerde studenten.
– Debbie stelt voor om meer af te rekenen op resultaat en minder op het “gesprek aangaan” bij het missen van deadlines of lessen.
– Het belang van duidelijke regels en consequenties wordt onderstreept, vergelijkbaar met de aanpak van Fontys waar gemiste kansen leiden tot herinschrijving voor een module.
– Debbieerkent dat luisteren niet hetzelfde is als leren en dat studenten inzicht moeten krijgen in hoe zij zelf leren (zelfregulatie).
– Het ontwerpen van onderwijs moet beginnen met een visie op leren en wat men wil veranderen of bereiken.
– Een deelnemer gaf als voorbeeld een verouderd leertraject over communicatie met weinig aansprekende werkvormen, dat moet worden aangepast voor verschillende niveaus (niveau 3/4) en zowel BOL als BBL.
– Debbie introduceerde het “spinnenweb van Van der Akker” als een didactisch model om alle facetten van onderwijs in beeld te brengen, waarbij veranderingen in één onderdeel invloed hebben op andere. Andere modellen zoals backwards design en constructive alignment werden ook genoemd.
– Het belang van theoretische onderbouwing voor gemaakte keuzes in het onderwijsontwerp werd benadrukt.
– De spreker moedigde aan om theorie te zoeken over onderwerpen als “gamification,” “betekenisvol leren,” “aansluiten bij de belevingswereld van studenten,” en “differentiatie.”
– De discussie ging over de effectiviteit van werkvormen, zoals het overschrijven van PowerPoints (ineffectief) versus het maken van samenvattingen of uitleggen aan anderen (effectiever).
– Het belang van het opknippen van grote leerdoelen in kleinere, concrete lesdoelen met duidelijke succescriteria werd geïllustreerd met voorbeelden zoals “een tafeltje timmeren” en “een pirouette maken.”
– De noodzaak om het nut van de leerstof voor studenten duidelijk te maken (autonome motivatie) werd besproken, bijvoorbeeld door praktijkvoorbeelden te gebruiken of diagnostische toetsen aan het begin van een periode.
– Er werd benadrukt dat docenten rekening moeten houden met het voorkennisniveau van studenten en terminologie moeten uitleggen.
– Debbie stelde voor om verwerkingsopdrachten onderdeel te maken van de toetsing om de waarde ervan te verhogen en studenten te motiveren.
– De rol van de docent als coach en begeleider in het leerproces werd besproken, waarbij inzicht in het leerproces van de student waardevoller kan zijn dan een momentopname van kennis.
– De lopende opdracht omvat het ontwerpen van een leertraject, beginnend met een doelgroepanalyse, de reden voor het herontwerp (visie), de keuze van een didactisch ontwerpmodel, en de theoretische onderbouwing van deze keuzes.
– De leerdoelen moeten worden ontleend aan kwalificatiedossiers en worden vertaald naar concrete lesdoelen.
– De eindtoetsing moet worden beschreven, waarbij wordt nagedacht over hoe informatie over de kennis en vaardigheden van studenten wordt verkregen.
– Debbie gaf aan dat de volgende lessen zich zullen richten op leeractiviteiten en inhoud.
– Er werd een planning besproken voor de komende lessen, met de mogelijkheid voor individuele feedback op de voortgang van de opdracht.
– De deelnemers worden aangemoedigd om de besproken concepten toe te passen in hun eigen onderwijsontwerp.
– De volgende lessen zullen dieper ingaan op leeractiviteiten en inhoud.
– Er is gelegenheid voor individuele feedback op de voortgang van de opdracht.
– De spreker zal proberen de theorie vaker en in kortere sessies te behandelen en peerfeedback te stimuleren.
In deze sessie hebben deelnemers na een informele check-in geleerd hoe je stapsgewijs een effectief, studentgericht leertraject ontwerpt. Kernpunten waren:
• Groepsdynamiek en motivatie stimuleren door autonomie, competentie en verbondenheid te bevorderen.
• Het spinnenwebmodel van Van der Akker gebruiken om samenhang tussen doelen, inhoud, didactiek en toetsing te waarborgen.
• Wet- en regelgeving en het kwalificatiedossier als basis voor leerdoelen en summatieve beoordelingen.
• Taxonomie van Bloom en Bloom-Krathwohl inzetten voor constructieve afstemming van leerdoelen, werkvormen en toetsinstrumenten.
• Gamification en leertheorieën (behaviorisme, cognitivisme, constructivisme) inzetten voor activerend en betekenisvol leren.
• Samenwerkend leren en differentiatie toepassen met heldere rollen, verantwoording en variatie in opdrachten.
• Een iteratief* ontwerpproces hanteren: plannen, uitvoeren, evalueren en bijstellen in kleine stappen.
* Iteratief = “herhalend” en verwijst naar een proces waarbij stappen systematisch worden herhaald om een resultaat stapsgewijs te verbeteren of te verfijnen.
Dit is een verslag van een MBO-werkgroep waarin docenten (en enkele studenten) samenwerken aan het herontwerpen van een leertraject. Belangrijke thema’s zijn:
– Het formuleren van leeruitkomsten en werkprocessen vanuit het kwalificatiedossier en het bepalen van passende toetsvormen (simulaties, casussen, reflectieverslagen, directe interviews).
– Het toepassen van Biggs’ constructieve afstemming (“spinnenweb”): visie, leerdoelen, didactische werkvormen, toetsing, leeromgeving en docentrol moeten met elkaar in balans zijn.
– Het opdelen van grote curriculumdoelen in concrete lesdoelen en het opbouwen van leeractiviteiten concentrisch (van theorie via casus naar praktijk).
– Het in kaart brengen van de doelgroep door middel van persona’s, om de inhoud en werkvormen beter af te stemmen op de belevingswereld van de student.
– Het gebruik van technologie en innovaties: AI-chatbots voor rollenspellen, Microsoft Forms voor formatieve feedback en zelfs hologramcolleges als mogelijke ondersteunende leermiddelen.
Bronnen en naslagwerk:
We bespreken hoe we onze lessen voorbereiden, uitvoeren en evalueren en welke ‘aha-momenten’ we ervaren: bewuster differentiëren, inspelen op individuele leerlingen, experimenteren zonder PowerPoint en kleine didactische tools (houding, vragen stellen). Tot slot wordt kort genoemd dat de relatie met leerlingen cruciaal is.
– elkaar via korte rollenspelen en stellingen uitlokken fysiek óf ‘boven’ (leiderschap), ‘samen’ (coöperatie) of ‘onder’ (afhankelijkheid) te gaan staan, om zo onze communicatiestijl en beïnvloedingsstrategie in de klas te verkennen;
– kennismaken met het Thomas-Kilmann-conflictmodel (haai, schildpad, uil, slak, kwal) om te zien wanneer je beter kunt doordrukken, samenwerken, vermijden, toegeven of compromissen sluiten;
– de “Roos van Leary”- persoonlijkheidstest invullen om onze standaard-gedrag (meestal ‘leiding nemend’ of ‘aanpassend’) te ontdekken;
– werken aan ons eigen ontwikkelportfolio en een korte pitch (5 minuten + vragen/feedback) voorbereiden over onze leerdoelen en aanpak voor de komende periode;
– ten slotte individuele “pas op de plaats”-coachingsgesprekken inplannen via een online afsprakenagenda.
De tekst is een weergave van een coachingsessie tussen een docent en een “beeldcoach” waarin de docent:
– erkent moeite te hebben met de stille, passieve groep studenten (in tegenstelling tot de mondige helft)
– worstelt met het geven van positieve feedback aan die stille groep
– leert dat je reactie als docent onbewust gedrag bij studenten oproept (bovenzit, onderzit, samen- of tegenzit)
– kennismaken met de Roos van Leary om communicatiestijlen te analyseren en te beïnvloeden
– voorbeelden bespreekt: boze of dwingende leerlingen lokken defensief of agressief gedrag uit en omgekeerd
– ervaart dat een wisselende positie (leidingnemend, hulpvragend, confronterend, defensief) bewust kan inzetten om nieuwe interacties te creëren
– benadrukt dat studenten pas echt leren als we aan medestudenten uitleg geven
– reflecteert op evaluaties: voorkeursgedrag blijkt vaak anders dan studenten uitstralen
– deelt de uitdaging van laat ingestroomde en weinig gemotiveerde studenten onder de leerplicht van 18 jaar
– bespreekt een voorstel voor een “basisjaar” om die laatinschrijvers beter voor te bereiden
– concludeert dat het bewust variëren van eigen gedrag (Roos van Leary) conflicten kan verminderen en samenwerking
Gesprekken over Onderwijs en Leren in de Praktijk
De tekst is een vrij onsamenhangend verslag van een groepsbijeenkomst voor docenten-in-opleiding, waarin aan het begin allerlei praktische zaken (afwezigen, vakantie, ziekmeldingen, accreditatiebezoek) worden besproken. Daarna gaat het over de “vijf kunsten van het leren” (ontdekkend leren, onderzoekend leren, samenwerkend leren, feedback en reflectie): deelnemers delen waarin ze zichzelf herkennen en geven voorbeelden uit de praktijk. Vervolgens wordt aandacht besteed aan het ontwerpen van leertrajecten volgens leeruitkomsten, het verzamelen van bewijsmateriaal en het voorbereiden van een pitch (5 minuten) over je reisplan. Er worden tips gegeven over het cyclisch ontwerpen (voorbereiden, uitvoeren, evalueren, bijsturen), het inzetten van collega’s en werkplekbegeleiders, en de vormgeving van een bondige presentatie (bij voorkeur geen lange bullet-lijsten).
Daarna volgt een les over koffietrends in Nederland: van klassieke soorten (espresso, cappuccino) via internationale gewoonten (Italië, VS, Scandinavië) tot nieuwe ‘health’-add-ons als collageen, maca, reishi, lion’s mane en ashwagandha. De studenten maken een braindump, doen een korte quiz en geven feedback op werkvormen (o.a. herhaling, emotie, duidelijkheid). Tot slot bespreken de deelnemers de vier mbo-leeruitkomsten voor docenten: 1) een motiverend leerklimaat scheppen, 2) pedagogische relaties met lerenden onderhouden, 3) samenwerken aan de leef- en leergemeenschap en 4) professionele zelfreflectie en -ontwikkeling, inclusief het verzamelen van bewijsmateriaal.
Daarna hebben we overleg mbt onze mini les voor 10 december;
De deelnemers reflecteren op een eerdere workshop met Lego, waarbij iedereen individueel een “eend” bouwde en daarna in groep een evenementconcept ontwikkelde. Ze willen een vergelijkbare creatieve werkvorm toevoegen aan hun les: in groepsverband een “awkward familie-/groepsfoto” bedenken en vastleggen. Daarbij geven ze kort theorie over compositie, licht en emotie, sturen voorbeelden en laten studenten vrij spelen binnen de kaders. Na het fotograferen bespreken ze in een nabespreking hoe de samenwerking verliep, welke keuzes ze maakten en welk gevoel de foto oproept. Rollen, tijdsplanning en communicatie (bijv. foto’s delen) worden onderling verdeeld.
Mijn reflecties mbt de lessen zijn hieronder te beluisteren:
Deze trainingsdag draait om het ervaren en onderzoeken van de vijf leerkunsten van School OSER: reflecteren, onderzoeken, samenwerken, ontdekkend leren en feedback. Deelnemers doen dat via een interactieve bekerstapel-activiteit, een casus (‘Mirjam’), groepsdiscussies en theorie-inbreng. Centraal staat bewust handelen, experimenteren in teamverband en leren van fouten.
Activiteit ‘bekertjes stapelen’
Opdracht: draai en stapel bekertjes met alleen elastiekje en touwtjesRegels: handen mogen niet op elastiek, stilte bij strategieplanningDrie rondes van 1 minuut, na elke ronde feedback en strategiewijzigingSpanning en competitie: scores van 0 tot 13 bekertjes
Evaluatie bekeractiviteit
Resultaten per team bespreken en vergelijkenLessen: teamwork, reflectie, onderzoekende houding en ontdekkend lerenAfkijken als leervorm: openlijk leren van succesvolle teamsSoft skills: nieuwsgierigheid, feedback geven en ontvangen
Casus Mirjam – reflectie op leerstijl
Verhaal: docent in opleiding die gewend is aan gestructureerd lerenKenmerken: perfectionistisch, zelfstandig, weerstand tegen onduidelijke opdrachtenDiscussiepunten: herkenning eigen leerervaring, impact van traditionele didactiek
Bespreking onderwijsstructuur en autonomie
Verschil tussen uitgestippeld en zelfsturend lerenRol van checklists versus open opdrachtenNoodzaak van balans tussen structuur en eigen ontdekking
Leerdoelen en kern van de sessie
Kennismaken met vijf leerkunsten van School OSER
Ervaren van nut en toepassing in de eigen lespraktijk
Overzicht van de vijf leerkunsten
Rubbertegelgeneratie als metafoor
Overbescherming ondermijnt leerprocesFouten en onzekerheid nodig voor duurzame ontwikkeling
Praktische toepassing – groepsonderzoek
Vijf groepen werken elk uit één leerkunst
Poster maken met kernbegrippen, voorbeelden en visualisaties
Presentatieronde: korte uitleg, rondlopen en vragen beantwoorden
Feedbackmodel en niveaus
Vier feedbackniveaus: taak, proces, zelfregulering, persoon
Handvatten: gerichte vragen per niveau voor effectiviteit
Bewustwording eigen emotionele reactie op feedback
Verdieping en professionele identiteitLeren is meer dan methode: houding, creativiteit en intuïtieBelang van veelzijdigheid: didactiek + persoonlijkheid + ervaring
Conclusies
Bewust handelen is kern: reflectie en onderbouwing van keuzes
Experiment en samenwerking stimuleren diepgaand leren
Ruimte voor fouten onmisbaar: fouten leiden tot nieuwe inzichten
Professionele ontwikkeling omvat theorie, praktijk én persoonlijke groei
De eerste groep studenten presenteerde hun mini les zoals in de vorige lessen als opdracht is gegeven. Elke les komt een andere groep aan bod. Deze eerste groep studenten bedacht nieuwe familietradities, bedachten daarbij naam en traditie, en presenteerden die kort aan de klas. Daarna bespraken ze verschillende didactische principes:
Zintuiglijk rijke werkvormen (kijken, luisteren, proeven, ruiken) om betrokkenheid te vergroten.
Reflecterend leren (terugkijken op je handelen, vaststellen wat je al kan en wat je volgende stap wordt).
Feedback en feedforward: observatie, momentopname en heldere criteria koppelen aan concrete tips voor verbetering.
Samenwerkend leren: wederzijdse afhankelijkheid én individuele verantwoordelijkheid in groepsopdrachten.
Onderzoekend leren: van interesse wekken en voorkennis activeren via onderzoeksvragen, informatie verzamelen, coöperatief werken tot presentatie en evaluatie.
Al deze stappen helpen studenten om geleidelijk zelf eigenaar te worden van hun leerproces en hun professionele ontwikkeling.
SamengevatIn deze sessie zijn uiteenlopende didactische en pedagogische concepten besproken, steeds met de vraag: hoe pas je ze concreet toe in de lespraktijk? Thema’s als leerdoelen en taxonomie, breinleren, differentiatie, groepsdynamiek, mindset, zorgstructuren en de inrichting van een PDG-reisplan kwamen aan bod. De focus lag niet op betekenis, maar op transfer: wat heb je al gedaan en wat ga je ermee doen?
Intern dilemma en praktijktoepassing
Deelnemers kozen een kaart met een concept en reflecteerden niet op de betekenis, maar op hun acties en plannen.Belangrijk: vertaal theorie onmiddellijk naar concrete lesactiviteiten, bespaar jezelf ‘alles uitproberen’ en richt je op toepasbaarheid in jouw praktijk.
Leerdoelen, taxonomie en OBIT
Gebruik heldere werkwoorden uit Bloom’s taxonomie (onthouden, begrijpen, toepassen, analyseren, evalueren, creëren) om leerdoelen te formuleren.
OBIT (Onthouden, Begrijpen, Integreren, Toepassen) als vereenvoudigde leerfases; bewust kiezen welk niveau je target.
Voorbeeld: ‘kan gewrichtsaandoeningen onderscheiden en beschrijven’ – dit is een specifiek geformuleerd doel op basis van toepassen en begrijpen.
Geheugen, breinprincipes en zintuiglijke rijkheid
Uitleg van sensorisch geheugen → kortetermijngeheugen → codering naar langetermijngeheugen.
Herhaling en praktijkvoorbeelden versterken de opslag in het brein.
Zintuiglijk rijke leeromgeving: begin met praktische opdrachten, proefjes of raadsels om theorie te ontsluiten.
Leervoorkeuren & meervoudige intelligenties
Deelnemers ontdekten dat ze vooral visueel en denkend (denker) zijn, en zetten dit in om anderen aan het denken te zetten.
Pas meervoudige intelligenties toe door variatie in opdrachten: luisteren, bewegen, tekenen, interactie, muziek.
Advies: experimenteer bij lesvoorbereiding met drie intelligenties en evalueer de klasreactie.
Differentiatie en klassendistributie
Niveauverschillen (2, 3, 4) en leervoorkeuren vragen verschillende opdrachten of tempo.
Differentiatiemodel: verlengde instructie – laat sterke studenten zelfstandig werken, geef extra uitleg aan zwakkeren.
Bewustzijn groeit met ervaring; probeer van tevoren leerniveaus in te schatten voor effectiever tijdgebruik.
Lesvoorbereiding, structuur & evaluatie
Structuur: zorg voor duidelijke leerdoelen, bijbehorende werkwoorden en een logisch verloop.
Eindevaluatie moet aansluiten op de leerdoelen: wat ga je toetsen en hoe?
Tip: houd een lesvoorbereidingsformulier bij, maak foto’s of film fragmenten van opstelling en uitvoering.
Mindset & verwachtingen
Growth versus fixed mindset: geloof in ontwikkeling en hoge verwachtingen; denk niet ‘die leerling komt niet verder’. Hoge verwachtingen stimuleren prestaties, ook bij zwakkere of minder gemotiveerde lerende.
Reflectie en kernkwaliteiten
Reflecteer op eigen handelen: wat ging goed, wat niet? Vraag collega’s en studenten om feedback. Kernkwaliteiten herkennen én benutten in teamverband; compenseer zwaktes door samen te werken. Houd ook je allergieën in de gaten (bv. slachtofferrol) en gebruik die bewust in interactie.
Conditionering, gedrag & technologie- Behaviorisme en beloningsprincipe: telefoonalgoritmes conditioneren gedrag (verkregen via Zweedse docent en documentaires). Ga met studenten in gesprek over effect van sociale media, zonder oordeel, en activeer bewustwording.
Voor didactiek: voorspelbaarheid creëren en begrijpelijke regels om gewenst gedrag te stimuleren.
Groepsdynamiek & klasmanagement
Fases volgens Tuckman: forming, storming, norming, performing – elk vraagt om andere interventies. Gebruik tools als sociogrammen om informele leiders en uitgesloten leerlingen te signaleren. Ontwerp activiteiten (rollenspellen, discussies, icebreakers) die groepsprocessen positief sturen.
Passend onderwijs & zorgstructuur
Signaleren van speciale ontwikkelbehoeften: ADHD, dyslexie, hoog talent, IEP’s.Ken de interne (zorgcoaches, -coördinator) en externe (schoolmaatschappelijk werk) lijnen voor doorverwijzing. Toon in bewijsmateriaal je plan van aanpak, reflecties en interviews met zorgprofessionals.
PDG-reisplan & bewijsmateriaalDrie fasen: ontwerp, uitvoering, evaluatie van een leertraject. Kies een vak of project, overleg met teamleider over inzet volgend jaar. Verzamel feedback (video, interviews, enquêtes), theoretische onderbouwing en reflecties in portfolio. Focus op wat je hebt gedaan en gaat doen; portfolioproducten hoeven niet nieuw te zijn, maar wél van een theorie-reflectie te voorzien.
Conclusies
Theorie en praktijk moeten hand in hand gaan: maak bewust transfer in je eigen lessen. Formuleer leerdoelen met taxonomie, differentieer, benut breinprincipes en varieer in leeraanpak. Bouw aan sterke pedagogische relaties, hoge verwachtingen en groeimindset; vraag actief feedback.
Ontwikkel een PDG-reisplan: kies een focus, onderbouw met theorie, verzamel bewijsmateriaal, reflecteer en evalueer. Gebruik het A4-overzicht met alle besproken concepten om gericht te experimenteren en je didactisch repertoire uit te breiden.
De Uitdagingen en Oplossingen in Het Hedendaagse Onderwijs
Wij bespreken deze les eerst onze ervaringen met klassikaal lesgeven, studeerbaarheid en student betrokkenheid. We merken dat veel studenten te laat of helemaal niet inleveren, opdrachten (te) slordig uitvoeren en soms ongeoorloofd AI inzetten. Belangrijke thema’s zijn:
– Studentretentie en welbevinden: Een artikel over de ‘eerste honderd dagen’ benadrukt dat je in die periode vooral moet investeren in een goed gevoel bij studenten, niet direct in vakinhoud.
– AI-gebruik en toetsing: Studenten halen regelmatig identieke of onvolledige teksten uit AI-tools. De groep benadrukt dat je niet alleen rapportages moet laten maken, maar juist praktische opdrachten en mondelinge toetsen nodig hebt om echt te beoordelen wat een student kan.
– Consequent handhaven: Afspraak is afspraak: wie een opdracht niet binnen de gestelde termijn inlevert, krijgt geen goedkeuring of cijfer. Herhaalde herkansingen worden beperkt (2e kans, soms een 3e bij aantoonbaar goede inzet), anders doorstroomstop. Sommige opleidingen werken met ‘bij twee onvoldoende modules kun je niet verder’.
Daarna werken we een uitgewerkte halfuur-les uit rond het thema “script schrijven voor een vlog met behulp van AI”. De opbouw is:
1. Voorkennis activeren (5 min)
– Korte vragen (“Gebruik jij AI in je les?”, “Weet je wat vloggen is?”).
2. Instructie (5 min)
– Uitleg wat een vlog en een script is, plus een screencapture-video met stappen/checklist in de PowerPoint.
3. Opdracht (15 min)
– In tweetallen een eenvoudig script óf gezamenlijk bijvoorbeeld een LinkedIn-vlogscript maken, daarbij AI inzetten en bijsturen.
4. Feedback & reflectie (5 min)
– Klassikaal kort delen: wat heb je gedaan, geleerd en onthouden?
Taken worden verdeeld: iedereen rondlopen tijdens activiteit, één verzorgt de voorkennis-activatie, de ander instrueert en sluit af met reflectie. Alle bronnen en linkjes worden in de digitale leeromgeving (Canvas/appgroep) gedeeld.
Het Beheren van de Klas: Strategieën voor Effectief Klassenmanagement

De tekst is een uitgebreide weergave van een training over “klassenmanagement” en de start van een docentopleiding. Belangrijkste punten:
1. Structuur en routine
– Werk met vaste rituelen (inchecken, kennis activeren, verwerkingsopdracht, afsluiting).
– Duidelijke lesvoorbereiding en “WHHTP”-opdrachten (Wat, Hoe, Hulp, Tijd, Post-processing).
– Maak opdrachten behapbaar en communiceer leerdoelen en verwachtingen.
2. Fysieke klasopstelling en continu signaal
– U-opstelling en “groene/oranje/rode zones” bevorderen nabijheid en zicht.
– Loop rond, wisselhoudingen af, gebruik oogcontact en non-verbale signalen om de aandacht vast te houden.
3. Omgaan met verstorend gedrag (zie mijn persoonlijke stappan)

– Hanteer een correctieladder: pauzeer, naam noemen, verzoek om stil te zijn, laatste waarschuwing, eventueel na afloop gesprek.
– Spreek laagdrempelig en met “ik-boodschappen” (ik heb moeite, ik ga niet verder als…).
– Focus op regie in plaats van op controle; voorkom onnodige escalatie. (Ga niet over je persoonlijke grenzen door je professionele grenzen te stellen)

4. Pedagogisch klimaat en relatie
– Bied een veilige leeromgeving: benoem succeservaringen, fouten mogen maken, positieve erkenning.
– Zorg voor eensgezindheid binnen het team (consistente afspraken over telefoons, petjes e.d.) om ondermijning te voorkomen.
Als laatste deel gaan we nog ons portfolio erbij halen en moeten we een begin maken met ons reisplan.
5. Professionele ontwikkeling (reisplan & pitch)
– Formuleer drie hoofdonderdelen: je rol/professionele identiteit, realisatie van leeractiviteiten, reflectie en ontwikkeldoelen.
– Onderbouw elke leeruitkomst met concreet bewijsmateriaal uit de praktijk en feedback van collega’s.
– Bereid een korte pitch (max. 5 min) voor waarin je in grote lijnen je persoonlijke en onderwijskundige ontwikkelplan toelicht.
Mijn reflecties mbt de lessen zijn hieronder te beluisteren:
In deze les komen mijn collega docenten aan het woord over hun ervaringen met intrinsieke motivatie, weerstand en demotivatie bij leerlingen (inclusief de leerkuil), het geven en gebruiken van feedback, de keuze van loopbaanbegeleiders, groepsdynamica en diversificatie, het bijhouden van portfolio’s en persoonlijke leerdoelen, het toepassen van denktijd in de les, en de methode van intervisie. Aan de hand van een concrete casus over logistieke uitdagingen in een praktijkruimte (fotografie, video, podcast) worden mogelijke oplossingen besproken, zoals het inzetten van vrijwilligers, kennisclips op SharePoint en stapsgewijze aanpak. Hieronder vind je een zeer gedetailleerd overzicht met duidelijke subtitels en relevante emoji’s.
Het volgende onderdeel is een intervisiesessie waarin ze zowel organisatorische en personele thema’s als klasmanagement en didactiek bespreken. Ze wisselen ervaringen uit over lesopstellingen en de “kinosfeer”, de aanpak van grensoverschrijdend gedrag, de balans tussen autoritair en meegaand optreden, en de mogelijkheden voor differentiatie en leerling-zelfregulatie. Uiteindelijk komen ze tot het belang van heldere, consistente regels en een veilige, professionele teamcultuur waarin casuïstiek regelmatig wordt gedeeld.
Verder gaan we door praktische mededelingen over Canvas en een vooruitblik op klassenmanagement. Daarna wordt toegelicht hoe deelnemers een leertraject ontwerpen (reisplan, leeruitkomsten, pitch) voor hun portfolio. In groep ontwerpen ze een 30-minuten mini-les rond één breinprincipe, met AI-ondersteuning voor een vlogscript. Afgesloten wordt met een nabespreking over groepsdynamiek, leercomfort en procesgericht denken.
In deze les komen mijn collega docenten aan het woord over hun ervaringen met intrinsieke motivatie, weerstand en demotivatie bij leerlingen (inclusief de leerkuil), het geven en gebruiken van feedback, de keuze van loopbaanbegeleiders, groepsdynamica en diversificatie, het bijhouden van portfolio’s en persoonlijke leerdoelen, het toepassen van denktijd in de les, en de methode van intervisie. Aan de hand van een concrete casus over logistieke uitdagingen in een praktijkruimte (fotografie, video, podcast) worden mogelijke oplossingen besproken, zoals het inzetten van vrijwilligers, kennisclips op SharePoint en stapsgewijze aanpak. Hieronder vind je een zeer gedetailleerd overzicht met duidelijke subtitels en relevante emoji’s.
Het volgende onderdeel is een intervisiesessie waarin ze zowel organisatorische en personele thema’s als klasmanagement en didactiek bespreken. Ze wisselen ervaringen uit over lesopstellingen en de “kinosfeer”, de aanpak van grensoverschrijdend gedrag, de balans tussen autoritair en meegaand optreden, en de mogelijkheden voor differentiatie en leerling-zelfregulatie. Uiteindelijk komen ze tot het belang van heldere, consistente regels en een veilige, professionele teamcultuur waarin casuïstiek regelmatig wordt gedeeld.
Verder gaan we door praktische mededelingen over Canvas en een vooruitblik op klassenmanagement. Daarna wordt toegelicht hoe deelnemers een leertraject ontwerpen (reisplan, leeruitkomsten, pitch) voor hun portfolio. In groep ontwerpen ze een 30-minuten mini-les rond één breinprincipe, met AI-ondersteuning voor een vlogscript. Afgesloten wordt met een nabespreking over groepsdynamiek, leercomfort en procesgericht denken.
Lees meer
Intrinsieke motivatie
– Docenten merken dat hun eigen motivatie soms wankelt: “Redelijk, maar nog vaag.”
– Het belang van intrinsieke motivatie wordt gekoppeld aan het leerproces van studenten.
– Thema’s mogen de motivatie niet blokkeren; focus op het eigen verhaal en leerdoelen.
De leerkuil
– De leerkuil: het moment dat je je bekwaam voelt, nieuwe leerstof ontvangt en onzeker wordt.
– Doorgaan door de leerkuil leidt tot diepere, trotse leerervaring; vermijden ervan levert oppervlakkig leren op.
– Studenten (en pubers) vinden dat lastige, angstige gevoel onaangenaam en geven soms de docent de schuld.
– Normaal onderdeel van leerproces; gevoelens omarmen en soms reflecteren of uitleg aanpassen.
Feedback en reflectie
– Feedback van studenten is waardevol maar kan voortkomen uit leerangst en projectie.
– Studenten verwerken feedback nog te weinig: ze kopiëren woorden in plaats van inhoud toe te passen.
– Bewijslast: feedback maakt het leerproces zichtbaar en moet deel uitmaken van de beoordeling.
– Weinig gerichte lessen in feedback geven/vragen; binnenkort start “Leer Kunsten” met aandacht voor feedback.
Loopbaan- en coachkeuze
– Studenten krijgen in de eerste weken een coach toegewezen, daarna keuzevrijheid uit docenten.
– Gelijkmatig stemmenlijst voorkomt overbelasting van populaire coaches.
– Klik tussen coach en student beïnvloedt groei; mogelijkheid tot switchen blijft belangrijk.
Groepsdynamica en diversificatie
– Rekening houden met persoonlijke leerdoelen en leerstijlen bij groepsvorming.
– Actieve, stille en buitenlandse studenten bewust spreiden over groepen voor balans.
– Vroeg in norming-/stormingfase aandacht besteden aan klasveiligheid en groepstaken.
– Kletspot en creatieve check-in vragen bevorderen onderlinge kennismaking en groepscohesie.
Portfolio en eigen leerdoelen
– Studenten werken met persoonlijk leerplan: leerdoelen en planning van opdrachten.
– Bewijsdocumenten: studenten moeten zelf feedback vragen en aantonen dat ze verbeteringen doorvoeren.
– Projectonderwijs dwingt hen continu na te gaan waar ze staan en hoe ze feedback verwerken.
Denktijd en vraagstelling
– Korte pauzes (5–10 seconden) na een vraag bevorderen deelname en scherpte.
– Bij complexere vragen (rekenen) kan meer denktijd nodig zijn, soms tot een halve minuut.
– Variëren in vraagvormen en inzet van check-in of theether voor willekeurige beurttoewijzing.
Intervisie aanpak
– Vier fasen: verkennen (situatie schetsen), waarderen (positieve punten benoemen), reflecteren (adviezen formuleren), evalueren (selectie adviezen).
– Procesbewaker waakt voor beurtregeling en to the point blijven.
– Casus kiezen uit eigen praktijk en in 30 minuten doorlopen.
– Terugkoppeling: wat neem je mee, wat laat je liggen?
Casus: praktijk op maat
– Probleem: logistiek en tijdgebrek in praktijkruimte voor fotografie, video en podcast binnen een regulier rooster.
– Eerstejaars maken portfolio van drie media-uitingen zonder duidelijk doel of ruimte; tweede/derdejaars werken vraaggestuurd.
– Uren gekoppeld aan projecten, onduidelijkheden leiden tot onrechtvaardige studiebelasting en uitval.
Aanbevelingen en oplossingen
– stap 1: splits instructies in korte, thematische kennisclips (video/audio) op SharePoint
– stap 2: wervingsmail voor vrijwilligers en gepensioneerde docenten uit lokale clubs voor extra begeleiding
– stap 3: soft-skillssessies door collega’s of externe vrijwilligers inplannen naast praktijklessen
– stap 4: fasering: eerst instructies aanbieden, daarna logistieke en roosteraanpassingen bespreken
– stap 5: projectdocenten wijzen op SharePoint-instructie en duidelijke planning per onderdeel
Tools en professionalisering
– SharePoint als kennisbank voor instructievideo’s en achtergrondmateriaal
– AFAS en Ossen-aanbod: cursussen zoals didactisch coachen, leer kunsten en basisdidactiek
– PDG-integratie: enkele cursussen al in rooster, andere los aanmelden via AFAS
– Teams: opdrachten inleveren, feedback en verbetercyclus vastleggen in documenten
Conclusies
– intrinsieke motivatie en doorwerken in de leerkuil horen bij leren; gevoelens erkennen
– gerichte feedbackcultuur versterken door lessen en tools (Leer Kunsten, kennisclips)
– bewuste coach- en groepskeuze bevordert klik en groei; intervisie helpt oplossingen verkennen
– logistieke uitdagingen in praktijkonderwijs vragen om stapgewijze aanpak: kennisclips, vrijwilligers en soft skills
– professionals kunnen via AFAS en Ossen extra didactische en coachingsvaardigheden ontwikkelen
– gezamenlijk reflecteren en experimenteren leidt tot duurzame verbetering van onderwijspraktijk
Organisatorische en personele kwesties
– Pensioen- en werktijdregelingen:
• Verschillen in opbouw, overgangsregelingen en keuzemogelijkheden
• Impact op inzetbaarheid en werkbelasting
– Stageplanning en teamverantwoordelijkheden:
• Rollen van docenten bij stagebegeleiding
• Afstemming binnen het team over taken en rooster
• Communicatie met BPV-bedrijven
Klasopstellingen en kinosfeer
– Busopstelling versus kringopstelling:
• Busopstelling bevordert frontale sturing maar beperkt interactie
• Kringopstelling stimuleert overleg, onderlinge kennismaking en betrokkenheid
– Invloed van de “kinosfeer”:
• Sfeer in de klas: rust versus dynamiek
• Fysieke indeling als instrument om groepsdynamiek te beïnvloeden
• Aandacht voor akoestiek, zichtlijnen en bewegingsvrijheid
Omgaan met grensoverschrijdend en storend gedrag
– Waarschuwen of uitsturen:
• Eerste signaalfunctie van een waarschuwing
• Eruit sturen als laatste sanctie
– Pitfalls van autoritair optreden:
• Risico op vijandigheid, ontmoediging van zelfsturing
• Reacties van leerlingen als spiegel voor docentgedrag
– Gevaren van te meegaand handelen:
• Onvoldoende grenzen, vervagende regels
• Ontbreken van respect en structuur
– Escalatiestappen:
• Duidelijke protocollen, overleg met zorgcoördinator of teamleider
• Documenteren van incidenten
Didactische werkvormen en differentiatie
– Differentiatie naar instroomniveau:
• Basis-, kader- en gemengde groepen anders benaderen
• Opdrachten in complexiteit of tempo aanpassen
– Stimuleren van leerling-zelfregulatie:
• Van docentgestuurde instructie naar begeleid zelfstandig leren
• Doelen, planning en reflectie door leerlingen zelf laten uitvoeren
– Variatie in didactische werkvormen:
• Groepswerk, duo-opdrachten, presentaties
• Digitale tools en adaptieve leermaterialen
– Balans instructie – verwerking:
• Korte, krachtige instructiemomenten
• Ruimte voor zelfwerkzaamheid en feedback
Teamcultuur en intervisie
– Regelmatige casusbesprekingen:
• Veilig klimaat voor open reflectie
• Leren van successen en valkuilen van collega’s
– Professionele samenwerking:
• Eenduidige afspraken en normen over klassenmanagement
• Doorlopende dialoog over aanpak en verbeteringen
– Ondersteuning en scholing:
• Interne workshops over gedragsmanagement en didactiek
• Inzet van ervaringsdeskundigen en externen
Conclusies
– Duidelijke, consistente regels zijn cruciaal voor een veilig leerklimaat
– Een professionele teamcultuur met regelmatig overleg versterkt kwaliteit en cohesie
– Door open intervisie over casussen blijft het team continu verbeteren en blijven docenten ondersteund
Praktische mededelingen
– Bijwerken van Canvas:
– Actualiseren van de planning voor komende weken
– Uploaden van nieuwe PowerPoints bij de modules
– Aanpassen en toevoegen van handleidingen en ondersteunende documenten
– Technische tips en reminders:
– Navigatie en sneltoetsen in Canvas
– Deadlines en notificatie-instellingen controleren
– Communicatiekanalen: wie waarvoor aanspreken bij vragen
Vooruitblik op klassenmanagement
– Introductie van kernbegrippen: routines, regels en relaties
– Belang van een veilige leeromgeving
– Voorbereiding op volgende sessie: leesmateriaal en reflectievragen
– Tip: voorbeelden van effectief klassenmanagement in de praktijk
Ontwerpen van een leertraject
– Reisplan:
– Overzicht van stappen van start tot eind
– Tijdsplanning per fase
– Leeruitkomsten formuleren:
– SMART-principe toepassen (Specifiek, Meetbaar, Acceptabel, Realistisch, Tijdsgebonden)
– Pitch voor portfolio:
– Kernboodschap van het traject in 1 minuut presenteren
– Gebruik van voorbeelden en korte casussen
Groepsopdracht mini-les
– Vorming van groepjes (3–4 personen)
– Keuze van één breinprincipe (bijv. aandacht, geheugen, emotie)
– Onderdeel van de mini-les:
– Lesdoel formuleren: concreet gedrag of kennis na afloop
– Voorkennisactivatie: korte activiteit om bestaande kennis te activeren
– Instructie: uitleg en demonstratie van de nieuwe stof
– Werkvorm: interactieve oefening (quiz, discussie, simulatie)
– Afsluiting: samenvatting, reflectie of evaluatie
AI-integratie voor vlogscript
– AI inzetten als scriptgenerator:
– Promptkeuze: hoe een duidelijke, concrete opdrachtformulering creëert
– Voorbeeldprompts voor uitleg van breinprincipe
– Reflectie op prompt en output:
– Kwaliteit van de gegenereerde tekst beoordelen
– Aansturing aanpassen voor betere resultaten
– Leerproces versus eindproduct:
– Leren over AI-mogelijkheden en -beperkingen
– Focus op kritisch denken bij gebruik van gegenereerde inhoud
Nabespreking en reflectie
– Groepsdynamiek:
– Samenwerkingsvormen en taakverdeling
– Communicatie en conflictmanagement
– Leercomfort:
– Ruimte voor vragen en fouten maken
– Balans tussen uitdaging en ondersteuning
– Procesgericht denken:
– Belang van iteratief ontwerpen (feedback, bijstellen)
– Continu reflecteren tijdens lesvoorbereiding
Conclusies
– Goed bijgewerkte Canvas-omgeving is essentieel voor helderheid en structuur.
– Een doordacht leertraject (reisplan, leeruitkomsten, pitch) vormt de ruggengraat van het portfolio.
– Groepsopdrachten bevorderen samenwerking en diepgaand begrip van breinprincipes.
– AI kan het ontwerpproces ondersteunen, mits prompts zorgvuldig gekozen en geëvalueerd worden.
– Procesgericht denken en reflectie dragen bij aan effectievere lesvoorbereiding en meer leercomfort.
Mijn reflecties mbt de lessen zijn hieronder te beluisteren:
In deze les wisselen studenten en deelnemers ideeën uit over het schoolrooster, toets- en bufferweken, het Reisplan Expeditie 2025 en het werken met Eenheden van Leeruitkomsten (EVL). Ze bespreken hoe je bewijsmateriaal opbouwt, feedback organiseert en leertrajecten ontwerpt, uitvoert en evalueert. Aan het eind volgt een sessie over pubergedrag en adolescentie: de kenmerken van het puberbrein, executieve functies en groepsdynamiek, en de gevolgen daarvan voor het onderwijs.
Check in:
Veertje-hout-steen werkvorm voor gevoelens en tips
– drie categorieën om gevoel te duiden:
• veertje = licht, flexibel, weinig stress
• hout = stabiel, vertrouwd, beheersbaar
• steen = zwaar, druk, overbelasting
– deelnemers kiezen symbool dat past bij hun huidige situatie
– koppeling met:
• werkdruk: tips om taken te prioriteren
• rolverdeling: afstemming binnen team en takenpakket
• werk-privé balans: pauzemomenten en grenzen aangeven
– concrete adviezen per categorie en uitwisseling van best practices
Uitleg over curriculumopbouw en portfolio-opdracht
– zes algemene leeruitkomsten binnen curriculum
• twee leeruitkomsten al uitgewerkt:
– ontwikkeling professionele identiteit
– realisatie van leeractiviteiten
• vier leeruitkomsten bevinden zich in:
– leertrajecten
– primair proces
– leer- & ontwikkelomgeving
– doel van de portfolio-opdracht: aantonen van behaald leerdoel via bewijsmateriaal
– beoordelingscriteria: relevantie, reflectie en onderbouwing
Groeps- en duo-overleggen over leeruitkomsten
– tweetalgesprekken: uitdiepen wat elke leeruitkomst concreet betekent in de praktijk
– teamdiscussies: afstemmen welke activiteiten passen bij elk leerdoel
– inventariseren van mogelijke bewijsmaterialen:
• casestudy’s, opdrachten, feedbackrapporten
• foto’s, video’s, logboeken
• peer- en zelfevaluaties
– voorbeelden uitwisselen om inspiratie op te doen
Vervolgafspraken en conclusies
– instructies voor zelfstandig verder werken aan portfolio in eigen tempo
– maken van duidelijke afspraken voor vervolgsessies: data, doelen en verantwoordelijkheden
– tips om voortgang te monitoren en ondersteuning te vragen waar nodig
Conclusies aan het eind
– deelnemers hebben helder beeld van de zes leeruitkomsten en de portfolio-opdracht
– verzamelde bewijsmaterialen vormen basis voor reflectie en beoordeling
– veertje-hout-steen-methode helpt bij inzicht in werkdruk en balans
– opgegeven vervolgstappen en afspraken zorgen voor structuur in het vervolgtraject
Leertraject: ontwerp, uitvoering en evaluatie
– leertraject beslaat een langere periode met een duidelijke kop en staart
– drie fasen: ontwerpen (voorbereiden, organiseren), uitvoeren en evalueren
– tijdens evaluatie toetsen of beoogde leerdoelen bereikt zijn
– analyseren van effectiviteit en bijsturen voor volgende cyclus
Leeractiviteit versus leertraject
– leeractiviteit = één les of workshop met specifiek doel
– leertraject = serie van leeractiviteiten, project of begeleidingstraject
– leertraject omvat meerdere leeractiviteiten met samenhangende doelen
– leertraject vraagt planning over langere termijn, leeractiviteit is beperkt
Beknopte samenvatting
Gedetailleerde uitwerking per onderwerp
Organisatie van toets- en bufferweken
– Verschil in planning tussen opleidingen: sommige hebben één toetsweek, andere twee, gevolgd door een lesvrije week
– Idee om elke tiende week een echte bufferweek in te lassen voor voorbereiding en herstel
– Voordelen van een bufferweek: ruimte voor docenten om voor te bereiden en opladen, vermijdt wekelijkse achterstanden
Reisplan Expeditie 2025
– Dynamisch leerplan waarin je een leertraject opstelt, uitvoert en evalueert
– Ochtendprogramma’s met telkens andere werkvormen: lezen & brainstormen, AI-toepassingen, voorbeelden van portfolio’s
– Document in Canvas: “Reisplan Expeditie 2025” met opdrachten, voorbeelden en eisen aan bewijsmateriaal
Werken met Eenheden van Leeruitkomsten (EVL)
– EVL = onderwijseenheid met leeruitkomsten als basis
– Drie grote fasen: ontwerpen van een leertraject, uitvoeren, evalueren
– Verplicht bewijsmateriaal bij elke EVL: ontwerp voorzien van theoretische onderbouwing, feedback van experts en peers, reflecties, schriftelijke onderbouwing bijdrage aan leeruitkomsten
– Portfolio-opzet: tekeningetje met alle onderdelen die de waarde van het product aantonen
Groepsopdrachten EVL
– Teams (rood, blauw, geel, groen, roze) werken elk eigen mindmaps of schema’s uit
– Moeilijkheden: lange teksten van leeruitkomsten, onduidelijke termen (niveaugroepen, ontwerpmodel)
– Uitwerking voorbeelden per team: koppeling van theorie (Bloom, CAR-model, stermodellering) aan praktijkcasussen
Theoretische modellen en didactiek
– Taxonomie van Bloom: hiërarchische niveaus (onthouden, begrijpen, toepassen, analyseren, evalueren, creëren)
– CAR-model, STAR-model, multiple intelligenties, didactisch analysekader
– Miller’s piramide voor beroepsbekwaamheid: knows, knows how, shows how, does
– Krachtige leeromgeving: autonomie, relaties en structuur bieden door pedagogiek, didactiek en klasopstelling
Samenvatting
Overleg over het vormgeven van een leertraject, inclusief het ontwerpen, uitvoeren en evalueren van lessenreeksen. Er wordt gediscussieerd over formulieren (BHV), feedbackstructuur (formatief vs summatief, fasering in basiscamp en hoofdfase), het onderscheid tussen leeractiviteit en leertraject, planning en inlevermomenten, professionalisering en bewijsvoering in portfolio’s. De noodzaak van een cyclisch proces, heldere leeruitkomsten en praktische handvaten voor studenten komt aan bod.
Leertraject: ontwerp, uitvoering en evaluatie
– leertraject beslaat een langere periode met een duidelijke kop en staart
– drie fasen: ontwerpen (voorbereiden, organiseren), uitvoeren en evalueren
– tijdens evaluatie toetsen of beoogde leerdoelen bereikt zijn
– analyseren van effectiviteit en bijsturen voor volgende cyclus
Relatie met leerdoelen en leeruitkomsten
– verwijzing naar leeruitkomst 1, 2 en 3 in formulieren
– gebruik van actieve werkwoorden (analyseren, evalueren, realiseren)
– afstemmen op landelijke standaarden versus eigen schoolformulieren
– belang van heldere en eenduidige leerdoelen bij aanvang
Leeractiviteit versus leertraject
– leeractiviteit = één les of workshop met specifiek doel
– leertraject = serie van leeractiviteiten, project of begeleidingstraject
– leertraject omvat meerdere leeractiviteiten met samenhangende doelen
– leertraject vraagt planning over langere termijn, leeractiviteit is beperkt


Beknopte samenvatting
In deze tekst wisselen docenten en deelnemers ideeën uit over het schoolrooster, toets- en bufferweken, het Reisplan Expeditie 2025 en het werken met Eenheden van Leeruitkomsten (EVL). Ze bespreken hoe je bewijsmateriaal opbouwt, feedback organiseert en leertrajecten ontwerpt, uitvoert en evalueert. Aan het eind volgt een sessie over pubergedrag en adolescentie: de kenmerken van het puberbrein, executieve functies en groepsdynamiek, en de gevolgen daarvan voor het onderwijs.
Gedetailleerde uitwerking per onderwerp
Organisatie van toets- en bufferweken
– Verschil in planning tussen opleidingen: sommige hebben één toetsweek, andere twee, gevolgd door een lesvrije week
– Idee om elke tiende week een echte bufferweek in te lassen voor voorbereiding en herstel
– Voordelen van een bufferweek: ruimte voor docenten om voor te bereiden en opladen, vermijdt wekelijkse achterstanden
Reisplan Expeditie 2025
– Dynamisch leerplan waarin je een leertraject opstelt, uitvoert en evalueert
– Ochtendprogramma’s met telkens andere werkvormen: lezen & brainstormen, AI-toepassingen, voorbeelden van portfolio’s
– Document in Canvas: “Reisplan Expeditie 2025” met opdrachten, voorbeelden en eisen aan bewijsmateriaal
Werken met Eenheden van Leeruitkomsten (EVL)
– EVL = onderwijseenheid met leeruitkomsten als basis
– Drie grote fasen: ontwerpen van een leertraject, uitvoeren, evalueren
– Verplicht bewijsmateriaal bij elke EVL: ontwerp voorzien van theoretische onderbouwing, feedback van experts en peers, reflecties, schriftelijke onderbouwing bijdrage aan leeruitkomsten
– Portfolio-opzet: tekeningetje met alle onderdelen die de waarde van het product aantonen
Groepsopdrachten EVL
– Teams (rood, blauw, geel, groen, roze) werken elk eigen mindmaps of schema’s uit
– Moeilijkheden: lange teksten van leeruitkomsten, onduidelijke termen (niveaugroepen, ontwerpmodel)
– Uitwerking voorbeelden per team: koppeling van theorie (Bloom, CAR-model, stermodellering) aan praktijkcasussen
Ontwerp, uitvoering en evaluatie
– Ontwerp: bepaal product (bv. tienweekstraject, aantal lesvoorbereidingen), planning, feedbackmomenten
– Uitvoering: altijd feedback vragen vóór inleveren, denk na over wie inhoudelijke en onderwijskundige feedback levert
– Evaluatie: resultaat toetsen, reflectie op eigen leerproces en ontvangen feedback, plan voor bijsturing of nieuwe cycli
Theoretische modellen en didactiek
– Taxonomie van Bloom: hiërarchische niveaus (onthouden, begrijpen, toepassen, analyseren, evalueren, creëren)
– CAR-model, STAR-model, multiple intelligenties, didactisch analysekader
– Miller’s piramide voor beroepsbekwaamheid: knows, knows how, shows how, does
– Krachtige leeromgeving: autonomie, relaties en structuur bieden door pedagogiek, didactiek en klasopstelling
Bespreking pubergedrag en adolescentie
– Overgangsfase jeugd – volwassenheid, fysieke volwassenheid maar emotioneel nog in ontwikkeling
– Verstoord slaapritme: melatonineproductie later op de avond, wekt moeheid en motivatieverlies op
– Executieve functies: werkgeheugen, planning, prioriteiten stellen, timemanagement, emotieregulatie, flexibiliteit enz. ontwikkelen zich nog tot begin twintig
– Risico- & impulsgedrag: beperkte zelfcontrole, kortetermijnfocus, gevoeligheid voor groepsdruk en verslaving
– Groepsdynamiek: normingfase waarin eerste leiders de toon zetten; heterogene klassen werken vaak beter dan homogene
– Lesimplicaties: kleine succeservaringen inbouwen, feedbackcycli, duidelijk communiceren van criteria, werkvormen afwisselen, korte deadlines
Conclusies
– Heldere planning met toets- en bufferweken vermindert werkdruk en verbetert kwaliteit voorbereiding
– Dynamisch reisplan en EVL-structuur bieden docenten en studenten houvast bij ontwerp, uitvoering en evaluatie van leertrajecten
– Bewijsmateriaal moet systematisch opgebouwd worden met theoretische onderbouwing, feedback en reflectie
– Kennismaken met didactische modellen (Bloom, CAR, Miller) helpt bij het formuleren van leerdoelen en het opzetten van krachtige leeromgevingen
– Lesgeven aan adolescenten vereist rekening houden met hun ontwikkelingskenmerken: slaapritme, executieve functies en groepsdynamiek
– Regelmatige feedback, korte tussenstappen en heldere werkafspraken ondersteunen pubers in motivatie en leerproces



Samenvatting
In dit gesprek gaat het over het vormgeven van differentiatie in het onderwijs. Er wordt besproken hoe je met een gemeenschappelijk leerdoel kunt werken en tegelijkertijd convergente en divergente differentiatie kunt toepassen. Er komt aandacht voor gepersonaliseerd leren, adaptieve opdrachten, het direct instructie- (DI-) model en de didactische analysemethode (DA-model). Ook komen blended learning, de rol van de docent, motivatieproblemen in het mbo en praktische voorbeelden van differentiatie aan bod.
Gedetailleerde punten per thema
Gemeenschappelijk leerdoel en gezamenlijke opdrachten
– Kies één overkoepelend onderwerp (bijvoorbeeld beeldelementen) voor alle studenten
– Geef een opdracht waarbij verschillen in techniek en inzicht zichtbaar worden
– Studenten helpen elkaar op basis van de uitkomsten
Convergent versus divergent differentiëren
– Divergent: flexibele leerroute, studenten bepalen eigen tempo en inhoud, docent begeleidt per individu
– Convergent: groepen indelen op basis van nulmeting of proeftoetsen en elk groepje aangepaste opdrachten geven
– Combinaties mogelijk: binnen rekenen divergent, in bredere context juist convergent
Gepersonaliseerd leren versus klassikaal differentiëren
– Gepersonaliseerd: elk leertraject is uniek, student kiest leerdoelen en activiteiten
– Klassikaal differentiëren: één docent, meerdere groepen binnen dezelfde les met verschillende taken
Organisatie in de klas
– Moeilijk om volledig gepersonaliseerd leren te organiseren zonder systeemondersteuning
– Convergent klassikaal differentiëren is gemakkelijker hanteerbaar binnen reguliere lestijd
– Rollen en instructievormen vooraf vastleggen voor efficiënt verloop
Differentiëren op tempo
– Sommige studenten mogen sneller door de stof heen als ze al beheersing aantonen
– Anderen krijgen extra instructie of extra oefenopdrachten
– Tempo als eerste differentiatie-aspect naast niveau en inhoud
Niveaudifferentiatie
– Indelen op basis van beheersingsniveau per domein
– Groepjes A, B en C met heldere doelen en passende opdrachten
– Gebruik van proeftoetsen en nulmetingen voor indeling
Differentiatie naar leerstijl, taak en instructie
– Voorbeeld: ADHD-groep krijgt andere werkvorm of indeling
– Variatie in taken (meer praktische opdrachten, meer theorie etc.)
– Aangepaste instructie (meer of minder begeleid, extra voorbeelden)
Fases van een les en het DI-model

– Terugblik op vorige les en vaststellen leerdoel gezamenlijk
– Directe instructie aan startgroep, verlengde instructie voor anderen
– Zelfstandig verwerken met docentondersteuning voor een klein groepje
– Gezamenlijke evaluatie en vooruitblik
Blended learning voor differentiatie
– E-leeromgeving inzetten om filmpjes, opdrachten en checkpoints te differentiëren
– Gemakkelijker maatwerk leveren via digitale platforms
– Voorbereiding: systemen en tools binnen je organisatie bespreken
Rol van de docent en toegevoegde waarde
– Docent als inhoudsdeskundige: zorgt voor effectieve instructie
– Balans tussen klassikale uitleg en zelfstandige werkvormen
– Blijven monitoren wat iedere student nodig heeft
Motivatie en beloning
– Extra opdrachten zijn niet altijd motiverend
– Bied echte voordelen: versneld afronden, vrijstellingen, erkenning
– Voorkom demotivatie bij studenten die “te snel” klaar zijn
Uitdagingen in het mbo en toekomstdromen
– Systemen voor flexibel en gepersonaliseerd leren nog niet volwassen
– Spannende stap naar volledig studentgestuurd leren
– Noodzaak voor goede begeleiding en adequate tools
Conclusies
– Differentiatie is essentieel: convergent en divergent vullen elkaar aan.
– Directe instructie (DI-model) blijft een bewezen effectieve onderwijsvorm.
– Blended learning ondersteunt maatwerk en flexibiliteit.
– Docenten blijven cruciaal bij het vertalen van differentiatie naar de praktijk.
– Motivatie en beloning moeten aansluiten bij echte leerwinst.
– Volledig gepersonaliseerd leren vraagt nog verdere ontwikkeling van organisatie en systemen.
Constructieve feedback en fasering
– feedback is opbouwend, specifiek en gericht op groei
– formatief: tijdens basiscamp feedback op basisdeel
– summatief: in de hoofdfase feedback op lesvoorbereiding, uitvoering en reflectie
– geen feedback geven vóór volledige inlevering; afspreken van feedbackmomenten
– vertrouwen in eigen proces door het ‘rijtje’ af te handelen
Planning en inlevermomenten
– leertraject zorgvuldig plannen over de gehele periode
– vaste inlevermomenten na basiscamp en in hoofdfase
– inleveren via Canvas, met mogelijkheid voor losse documenten
– inleveren niet verplicht, maar aanbevolen voor feedbackkansen
– afspraken maken over overzichtelijke mappenstructuur
Begeleiding en toetsing
– werkplekbegeleider helpt bij lesvoorbereiding en -uitvoering
– coach geeft feedback op technische aspecten en onderbouwing
– eigenreflectie en theoretische onderbouwing vanuit kennisbasis
– examencommissie vereist toegankelijk en compleet bewijsmateriaal
Professionele ontwikkeling en identiteit
– ontwikkeling van professionele identiteit is doorlopend proces
– reflectie op eigen normen, waarden en visie op goed docent-zijn
– leeruitkomst: professionaliteitsontwikkeling en professionele identiteit
– koppeling tussen theorie (normenkader) en dagelijkse praktijk
Cyclus van ontwerp tot evaluatie
– ‘cirkel’: ontwerpen → realiseren → evalueren → herontwerpen
– tussentijdse toetsing: afstemmen van traject op beoogde resultaten
– continue verbetercyclus als kernprincipe in leertraject
– analyseren welke onderdelen wel/niet werken en bijsturen
Portfolio en bewijsvoering
– portfolio in Canvas met foto’s, documenten en reflecties
– overzicht in mappenstructuur aanhouden
– bespreking van vorm en inhoud vóór basiscamp
– toegankelijkheid voor begeleiders en examencommissie waarborgen
– formatief materiaal (ontwerp, planning) scheiden van summatief bewijsmateriaal
Conclusies
– een leertraject volgt een cyclisch proces van ontwerp, uitvoering en evaluatie
– duidelijke leeruitkomsten en leerdoelen vormen de kapstok
– leeractiviteiten zijn de bouwstenen binnen grotere trajecten
– gefaseerde feedback (formatief vs summatief) ondersteunt de studentontwikkeling
– strakke planning en vaste inlevermomenten geven structuur
– professionele ontwikkeling vereist continue zelfreflectie en onderbouwing
– portfolio moet overzichtelijk zijn en voldoen aan examencommissie-eisen
Mijn reflecties mbt de lessen zijn hieronder te beluisteren: