Over marsl

Door altijd met media producten en ontwikkelingen bezig te zijn en een hoop praktijkervaring, bevalt het me enorm om kennis over te dragen. Mixed media houdt in dat verschillende uitingen met elkaar gekoppeld kunnen worden om een doel te bereiken. Leren en doen is net motto...

Expeditie – Les 05

Emoties en Leerprocessen in het Onderwijs: Ervaringen en Inzichten
In deze bijeenkomst sprak de groep voornamelijk over hun ervaringen met emoties tijdens hun studie en het onderwijsproces. Er werd veel aandacht besteed aan de uitdagingen in toetsing en leervaardigheden, alsook de omgang met stress en perfectionisme. De deelnemers deelden hun persoonlijke worstelingen en inzichten, wat leidde tot een constructieve discussie over hoe ze hun ervaringen konden vertalen naar effectieve leermethoden en samenwerking.

Ervaringen met emotie en stress tijdens de studie
– Een deelnemer beschrijft zijn strijd met de BKE-cursus en de emoties die daarbij kwamen kijken, zoals stress en weerstand.
– De cursus draaide om toetsing, wat leidde tot gevoelens van frustratie en angst voor mislukking.
– Een ander lid deelt zijn gevoelens van machteloosheid tijdens het leren en hoe dit zijn motivatie beïnvloedde.
– Er zijn gesprekken over gevoelens van inspiratieloosheid en frustratie wanneer leerdoelen niet duidelijk zijn.

Toetsing en leeruitkomsten
– Er werd gesproken over hoe toetsing en leerdoelen soms tegenstrijdig kunnen zijn met de realiteit van leren en doceren.
– Een deelnemer geeft aan dat toetsing meer procesgericht moet zijn.
– Er is een discussie over de noodzaak van reflectie op toetsingsmethoden en hoe deze verbeterd kunnen worden.

Samenwerking en ondersteuning
– De groep verkent manieren om steun te bieden aan elkaar en de voordelen van gezamenlijk leren.
– Er ontstaan ideeën over buddy-systemen waarbij studenten elkaar kunnen helpen.
– De deelnemers delen strategieën om elkaar te ondersteunen om het leren effectiever te maken.

Leermethoden en aanpak
– Er was een vruchtbare discussie over het inzetten van diverse werkvormen en leermethodes.
– Voorbeelden uit de praktijk werden gedeeld om de discussies te verlevendigen.
– Er zijn ideeën voor het integreren van theoretische lessen met praktijkervaring.
– Verschillende pijnpunten in de organisatie en uitvoering van het onderwijs worden geïdentificeerd.

Conclusies & Volgende stappen
– De deelnemers worden aangemoedigd om ervaringen te delen en van elkaar te leren, met een focus op het toepassen van effectieve leermethoden.
– Er is een oproep om verder na te denken over de rol van emoties in leren en onderwijs en hoe deze een bijdrage kunnen leveren aan de ontwikkeling van zowel studenten als leerkrachten.

Expeditie – Les 03

Tijdens de bijeenkomst bespraken de deelnemers diverse onderwijskundige thema’s, met een focus op uitdagingen rondom studentenbetrokkenheid en beoordeling. Belangrijke onderwerpen waren het aanpakken van toetsstress, het belang van effectief onderwijsontwerp en praktische strategieën voor het opdelen van leerdoelen en het bevorderen van betekenisvol leren. De sessie omvatte ook de structuur van een lopende opdracht voor het ontwerpen van leertrajecten en eindigde met de planning van toekomstige bijeenkomsten.

Toetsstress en de impact op studenten

– Debbie deelde persoonlijke ervaringen met toetsstress, waaronder het meerdere keren zakken voor rijexamens ondanks jarenlange rijervaring, wat leidde tot een zoektocht naar “ontspannen toetsen”.
– Uit onderzoek blijkt dat 97% van de mensen in meer of mindere mate toetsstress ervaart.
– Huidige toetsmethoden, zoals SVB-examens en rekentoetsen, worden vaak als talig en complex ervaren, wat leidt tot problemen, vooral bij studenten met Nederlands als tweede taal.
– Sommige studenten onderschatten de voorbereiding op toetsen, terwijl anderen juist blokkeren door stress.
– Er is een patroon van ziekmeldingen op toetsdagen en het missen van toetsen door vergeetachtigheid of andere prioriteiten, zoals rijlessen.
– Debbie pleit voor een andere benadering dan ademhalingsoefeningen om stress te verminderen, en stelt voor om te focussen op “lerend kwalificeren” gedurende het hele proces.

Visie op onderwijs en beoordeling

– Debbie benadrukt het belang van het zichtbaar maken van het leerproces en het vragen om feedback, om zo minder verrassingen te hebben bij de eindbeoordeling.
– Er is kritiek op het huidige systeem waarbij studenten gemiste studiepunten later in een korte periode kunnen repareren, wat een verkeerd signaal afgeeft aan gemotiveerde studenten.
– Debbie stelt voor om meer af te rekenen op resultaat en minder op het “gesprek aangaan” bij het missen van deadlines of lessen.
– Het belang van duidelijke regels en consequenties wordt onderstreept, vergelijkbaar met de aanpak van Fontys waar gemiste kansen leiden tot herinschrijving voor een module.
– Debbieerkent dat luisteren niet hetzelfde is als leren en dat studenten inzicht moeten krijgen in hoe zij zelf leren (zelfregulatie).

Ontwerp van leertrajecten en didactische modellen

– Het ontwerpen van onderwijs moet beginnen met een visie op leren en wat men wil veranderen of bereiken.
– Een deelnemer gaf als voorbeeld een verouderd leertraject over communicatie met weinig aansprekende werkvormen, dat moet worden aangepast voor verschillende niveaus (niveau 3/4) en zowel BOL als BBL.
– Debbie introduceerde het “spinnenweb van Van der Akker” als een didactisch model om alle facetten van onderwijs in beeld te brengen, waarbij veranderingen in één onderdeel invloed hebben op andere. Andere modellen zoals backwards design en constructive alignment werden ook genoemd.
– Het belang van theoretische onderbouwing voor gemaakte keuzes in het onderwijsontwerp werd benadrukt.
– De spreker moedigde aan om theorie te zoeken over onderwerpen als “gamification,” “betekenisvol leren,” “aansluiten bij de belevingswereld van studenten,” en “differentiatie.”

Effectieve leeractiviteiten en inhoud

– De discussie ging over de effectiviteit van werkvormen, zoals het overschrijven van PowerPoints (ineffectief) versus het maken van samenvattingen of uitleggen aan anderen (effectiever).
– Het belang van het opknippen van grote leerdoelen in kleinere, concrete lesdoelen met duidelijke succescriteria werd geïllustreerd met voorbeelden zoals “een tafeltje timmeren” en “een pirouette maken.”
– De noodzaak om het nut van de leerstof voor studenten duidelijk te maken (autonome motivatie) werd besproken, bijvoorbeeld door praktijkvoorbeelden te gebruiken of diagnostische toetsen aan het begin van een periode.
– Er werd benadrukt dat docenten rekening moeten houden met het voorkennisniveau van studenten en terminologie moeten uitleggen.
– Debbie stelde voor om verwerkingsopdrachten onderdeel te maken van de toetsing om de waarde ervan te verhogen en studenten te motiveren.
– De rol van de docent als coach en begeleider in het leerproces werd besproken, waarbij inzicht in het leerproces van de student waardevoller kan zijn dan een momentopname van kennis.

Opdracht en planning

– De lopende opdracht omvat het ontwerpen van een leertraject, beginnend met een doelgroepanalyse, de reden voor het herontwerp (visie), de keuze van een didactisch ontwerpmodel, en de theoretische onderbouwing van deze keuzes.
– De leerdoelen moeten worden ontleend aan kwalificatiedossiers en worden vertaald naar concrete lesdoelen.
– De eindtoetsing moet worden beschreven, waarbij wordt nagedacht over hoe informatie over de kennis en vaardigheden van studenten wordt verkregen.
– Debbie gaf aan dat de volgende lessen zich zullen richten op leeractiviteiten en inhoud.
– Er werd een planning besproken voor de komende lessen, met de mogelijkheid voor individuele feedback op de voortgang van de opdracht.

Conclusies en volgende stappen

– De deelnemers worden aangemoedigd om de besproken concepten toe te passen in hun eigen onderwijsontwerp.
– De volgende lessen zullen dieper ingaan op leeractiviteiten en inhoud.
– Er is gelegenheid voor individuele feedback op de voortgang van de opdracht.
– De spreker zal proberen de theorie vaker en in kortere sessies te behandelen en peerfeedback te stimuleren.

Project Mini Onderneming

Projectbeschrijving: Shorts voor Propositie E&O (Summa)

1. Context & Rol:
Als onderdeel van het project ‘Zelfstandig ondernemen’ fungeer ik als media-expert binnen het Skillslab. In deze rol werk ik vraaggestuurd: ik adviseer en begeleid studenten bij het realiseren van hun mediaprojecten op basis van praktijkvragen.

2. De Opdracht: Contentcreatie E&O:
Voor de propositie Economie & Ondernemen (E&O) van het Summa College heb ik de regie gevoerd over het maken van ‘shorts’ (korte video-content).
Doel:
Het versterken van de online zichtbaarheid en de propositie van E&O.
Samenwerking:
Deze opdracht is uitgevoerd in nauwe afstemming met de directie (Johan) en de dienst Marketing en Communicatie (Marnik). Hun visie en strategische kaders vormden de basis voor de visuele vertaling in de video’s.

3. Werkzaamheden & Vaardigheden
In dit proces heb ik de volgende professionele skills ingezet en ontwikkeld:
Vraaggestuurde begeleiding:
Studenten ondersteunen bij het vertalen van een abstracte propositie naar concrete beelden.
Netwerken en Afstemming:
Schakelen tussen de wensen van de opdrachtgever (Marketing & Communicatie) en de uitvoering door studenten.
Kwaliteitsbewaking:
Toezien op de huisstijl en de boodschap, zoals vastgelegd in de communicatiestrategie van het Summa.

4. Portfolio-onderdelen
Ter onderbouwing van deze opdracht zijn de volgende documenten in mijn portfolio opgenomen:
Evaluatie:
De feedback van de opdrachtgever over het eindresultaat en de samenwerking
Plan van Aanpak:
De afspraken over deadlines en de verwachtingen van de opdrachtgever.
Product: De opgeleverde shorts.
Bewijs van Samenwerking:
Presentaties en filmfragmenten van Johan en Marnik, die de strategische context van de opdracht bevestigen.

Toekomstplan Skillslab

“Realiseren van het Flex-Leertraject”
Dit plan dient als de onderwijskundige verantwoording voor het Skillslab van de opleiding Marketing, Communicatie en Events (MCE). Het is ontworpen om de transitie te maken van ad-hoc projectbegeleiding naar een professionele, menukaart-gestuurde leeromgeving.

1. Onderwijskundig Fundament

Bij het realiseren van dit leertraject gebruik ik de methodiek van Backward Design.
Ik ontwerp niet vanuit de activiteit, maar vanuit het einddoel.

Stap 1: Gewenste Resultaten (Macro & Meso)
Macro: Koppeling aan het Kwalificatiedossier MCE. De student moet media-uitingen kunnen realiseren en adviseren.
Meso (Summa Flex): De student krijgt regie over tijd, tempo en mediavorm. Het aanbod is modulair.

Stap 2: Bewijs van Beheersing (De Meetlat op Micro-niveau)
Elke workshop wordt afgesloten met een beroepsproduct (foto, podcast, film of stream).
Validatie: Punten worden pas toegekend na goedkeuring van het product in het digitale portfolio.

Stap 3: Leeractiviteiten (De Menukaart)
De weg naar het bewijs loopt via on-demand zelfstudie (SharePoint) en fysieke verdiepings-workshops.

2. Leerjaar 1: Het Curriculum (30 Beschikbare Uren)

Voor leerjaar 1 is een programma samengesteld waarin de basisvaardigheden centraal staan. In deze 30 uur doorlopen studenten een verplicht fundament, gevolgd door keuzemodules van de menukaart.

A. De Verplichte Basis (Fundament)
Deze onderdelen zijn noodzakelijk om effectief te kunnen werken in het Skillslab.

  1. Skillslab App & Werkwijze: Uitleg over het inschrijfsysteem, de puntenmodule en de apparatuur-uitleen.
  2. Portfolio Opbouwen: Het inrichten van de eigen website/portfolio waar alle bewijslast wordt verzameld.
  3. Presenteertechniek (Nooitmeerbullets.nl): Een nieuwe standaard voor presenteren: visueel krachtig, zonder saaie tekst-slides.

B. De Media-Hoofdgangen (Basis & Gevorderd)
Studenten kiezen hun focus binnen de vier hoofdmedia. Elke module bestaat uit zelfstudie (knoppenkennis) en een praktijk-workshop (creatie).

Fotografie:
Basis (compositie/belichting) & Gevorderd (studio/nabewerking).
Film:
Basis (framing/audio) & Gevorderd (montage/storytelling).
Podcast:
Basis (techniek/interview) & Gevorderd (montage/sounddesign).
Streamen:
Basis (setup/verbinding) & Gevorderd (regie/multi-cam).

C. Keuzemenu: Specialistische Workshops
Studenten vullen hun uren aan met ‘gerechten’ naar keuze:

Audio & Radio:
Hoorspel maken, Radioprogramma produceren, “De Plaat en zijn Verhaal” (storytelling podcast).

Beeld & Creatie:
Productfotografie, 360º Fotografie, Stopmotion, Creatieve fotografietechnieken (experimenteel).

Commercial & Event:
TV-commercial maken, Radio-commercial opnemen, Aftermovie (eventverslag), Werken met de Autocue.

3. Realisatie: De “Gids” Methode
Om dit traject succesvol uit te voeren, hanteren we een hybride werkwijze:

  1. Self-Service (SharePoint):
    De “Instructie 1.0”. Voordat de student de workshop ingaat, bekijkt hij de video-handleidingen en apparatuur-uitleg. Dit bespaart kostbare docenttijd.
  2. De Inschrijfmodule:
    Via de “Skills App” schrijven studenten zich in voor workshops (max. 12 personen).
    Vol = Vol. Dit stimuleert planningsvaardigheden op Meso-niveau.
  3. De Docent als Gids:
    Ik ben niet langer de ‘zender’ van basiskennis, maar de coach op verdieping. Ik help bij de stap van ’techniek’ naar ‘professioneel product’.
  4. Apparatuurbeheer:
    Toegang tot high-end gear (bijv. 4K-cinema camera’s) is gekoppeld aan het behalen van de betreffende ‘Gevorderde’ certificaten op de menukaart.

4. Reflectie voor PDG-Portfolio
Met dit totaalplan laat ik zien dat ik bekwaam ben in het realiseren van een leertraject. Ik ben gegroeid van een docent die reageert op losse vragen, naar een ontwerper die een compleet systeem beheert.

“Ik borg de kwaliteit via Backward Design (Stap 1 & 2).”
“Ik implementeer de schoolvisie via de Summanukaart en het menukaart-model (Meso).”
“Ik bedien de individuele student door blended learning en coaching op maat (Micro).”

Mijn Ontwerpstrategie

Backward Design in de Praktijk

Ik gebruik Backward Design om mijn ‘menukaart’ van workshops in te vullen. Hierbij staat niet de opdracht van een collega centraal, maar het eindproduct van de student. Ik pas dit toe op mijn vier hoofdmedia: fotografie, podcast, film en streamen.

Stap 1: De Gewenste Resultaten (De Finish)

Ik begin bij de vraag: welke technische en creatieve vaardigheden moet een MCE-student beheersen om een professionele media-uiting te maken?

Mijn aanpak:
Ik vertaal de ‘droge’ kerntaken uit het Kwalificatiedossier (Macro) naar heldere leeruitkomsten. Bijvoorbeeld: “De student kan een technisch goede podcast opnemen en editten die een boodschap overbrengt.” Dit is de verplichte basis waar de workshop op de menukaart aan voldoet.

Stap 2: Bewijs van Beheersing (De Meetlat)

Pas als het doel vaststaat, bepaal ik hoe de student laat zien dat hij de techniek en vormgeving beheerst. In het Skillslab is dit altijd een concreet beroepsproduct:

Fotografie:
Een technisch bewerkte fotoserie voor een campagne.
Podcast:
Een gemonteerde aflevering met intro/outro en helder geluid.
Film:
Een professionele productvideo of aftermovie.
Streamen:
Een technisch vlekkeloze live-uitzending.
Ik bepaal hier de criteria: is de belichting goed? Is het geluid zuiver? Is de boodschap zichtbaar?

Stap 3: Leeractiviteiten & De Menukaart (De Route)

Nu pas ontwerp ik hoe de student daar komt via mijn nieuwe model.

Zelfstudie:
De student start online met tutorials over camera-instellingen, microfoons of montage-software. Ze bepalen zelf de mediavorm (video of handleiding) en de snelheid om de basis te leren.
De Workshop:
In het Skillslab schrijven ze zich in voor de fysieke praktijktraining. Hier gaan ze echt met de apparatuur aan de slag.
Mijn rol (Verdieping):
Omdat de student de basiskennis al via zelfstudie heeft opgedaan, kan ik mij in het lab focussen op de fijne kneepjes: hoe krijg je die ‘cinematic look’? Hoe voer je een echt goed interview?

Screenshot

“Vroeger faciliteerde ik een project, nu ontwerp ik de randvoorwaarden waarbinnen een student een vakman wordt in beeld en geluid. Door Backward Design toe te passen op fotografie, podcast, film en streamen, borg ik dat de creativiteit in het Skillslab altijd leidt naar een kwalitatief hoogstaand beroepsproduct.”

Ontwerpcriteria

Onderwijskundig Ontwerpmodel voor het Skillslab
Op basis van mijn PDG-inzichten en de wens om meer flexibiliteit te bieden binnen Marketing, Communicatie en Events (MCE), hanteer ik de volgende criteria voor het realiseren van mijn leertrajecten:

  • 1. Menukaart als Basis (Inschrijfmodel):
    Het onderwijs wordt aangeboden als een ‘menukaart’ van verschillende workshops. Studenten zijn verplicht zich in te schrijven voor een vastgesteld aantal workshops (de ‘core’ van het kwalificatiedossier), maar bepalen zelf de volgorde en het moment.
  • 2. On-demand Zelfstudie (Blended):
    Elk onderwerp start met zelfstudie. Alle basiskennis en instructies zijn digitaal en in verschillende mediavormen (video, foto, podcast en streamen) beschikbaar. De student bepaalt zelf welke vorm het beste bij hem of haar past om de basis onder de knie te krijgen.
  • 3. Coaching op Verdieping:
    Contacttijd met mij als docent is schaars en waardevol. Ik ben er niet voor de basisuitleg die ook in een video kan, maar voor de verdieping. Studenten vragen mij pas om uitleg of een ‘masterclass’ als ze de basis via zelfstudie hebben verkend en vastlopen of verder willen kijken.
  • 4. Variabele Snelheid en Hoeveelheid:
    Het ontwerp staat toe dat studenten verschillen in tempo. De een haalt in een week drie workshops binnen, de ander neemt de tijd voor één diepe duik. Ook de hoeveelheid kennis is schaalbaar: er is een ‘voldoende’ basis, maar ook een ‘expert’ route voor verdieping.
  • 5. Bewijslast vanuit de Praktijk (Macro-check):
    Welke workshop of mediavorm een student ook kiest, het resultaat moet altijd herleidbaar zijn naar de werkprocessen uit het kwalificatiedossier. De ‘menukaart’ is dus zo samengesteld dat de verplichte onderdelen samen het volledige macro-kader dekken.
  • 6. Eigen Regie op Mediavorm:
    Studenten krijgen de vrijheid om aan te tonen wat ze geleerd hebben in een vorm die bij hen past (bijv. een poster, een video-pitch, of een gesproken marketingplan), zolang de kwaliteit voldoet aan de professionele standaard in de branche.

“Waar ik voorheen ad-hoc projecten van collega’s draaide, ontwerp ik nu een systeem. Met deze ‘menukaart’ realiseer ik een leertraject dat recht doet aan de verschillen tussen studenten. Ik ben niet langer de bewaker van de klok, maar de facilitator van de leerhonger. De kaders (Macro/Meso) zitten in de menukaart gebakken, maar de uitvoering (Micro) ligt volledig bij de student.”

OPDRACHTEN

Ontwerpen vanuit Kaders

Welkom in de machinekamer van mijn onderwijsontwerp. Op deze overzichtspagina breng ik de opdrachten samen die ik heb uitgevoerd voor de PDG-opleiding. Deze opdrachten vormen de basis voor hoe ik binnen het Skillslab leertrajecten beoog te realiseren.

Onderzoek je huidige onderwijs

1. Wat zou je willen behouden van je huidige onderwijs? (behouden)
De kracht van het Skillslab zit in de dynamiek: korte, krachtige instructies die direct worden opgevolgd door actie. Ik wil de ‘doe-mentaliteit’ absoluut behouden. Studenten leren het meest door vlieguren te maken. Daarbij is de cyclus van constante feedback essentieel: iets maken, feedback krijgen, en het direct weer verbeteren. Dit zorgt voor een snelle groei in vakmanschap en houdt de vaart erin.

2. Wat zou je niet meer willen doen van je huidige onderwijs? (verwijderen)
Ik wil af van het ‘eenheidsworst-onderwijs’. Het simpelweg afdraaien van een vast programma waarbij elke student op hetzelfde moment precies hetzelfde moet doen in hetzelfde tempo, past niet meer bij de moderne student en ook niet bij de branche. Dit starre systeem belemmert de studenten die sneller willen gaan, terwijl anderen juist meer tijd nodig hebben voor de basis. Het voelt te veel als ‘moeten’ in plaats van ‘willen’.

3. Wat zou je toe willen voegen aan je huidige onderwijs? (toevoegen)
Ik wil de eigen regie van de student centraal stellen. In lijn met het Summa Flex-principe moet de student zelf kunnen kiezen wat hij doet en hoe snel hij door de stof gaat. Om dit op micro-niveau in het Skillslab mogelijk te maken, wil ik meer digitale instructiemogelijkheden toevoegen. Door video-instructies, online modules en interactieve tools aan te bieden, creëer ik ruimte voor zelfstudie. Zo kan ik als docent meer gaan coachen op maat, terwijl de student de vrijheid heeft om zijn eigen leerroute te bepalen.

Onderwijs ontwerp

Mijn leerdoel: Van ad-hoc ondersteuning naar onderwijsontwerp

In de afgelopen periode werkte ik in het Skillslab vooral vraaggestuurd. Als collega’s een project hadden of er kwam een leuke opdracht voor de studenten binnen, dan pakte ik dat op en ging ik aan de slag. Ik was vooral de ‘doener’ die zorgde dat het draaide. Van de theoretische kaders achter curriculumontwikkeling wist ik eerlijk gezegd nog niets af.

Door mijn PDG-opleiding ben ik me er nu van bewust dat er verschillende niveaus zijn (macro, meso en micro) waar je rekening mee moet houden om echt goed onderwijs neer te zetten. Ik heb me daarom stellig voorgenomen om mijn werk in het Skillslab vanaf nu volgens deze structuur te gaan ontwerpen.

Doelgroep analyse

Dit zijn de “Toekomstige Media-Fixers”: een groep creatieve Gen Z-doeners die vergroeid is met hun smartphone en visuele trends. Ze hebben een natuurlijke handigheid met apps en sociale media, maar moeten nog leren hoe ze deze tools strategisch inzetten voor een zakelijke klant. Ze verliezen zichzelf soms in wat ‘mooi’ is, terwijl ze juist moeten leren wat ‘werkt’ voor een marketingdoel.

Deze studenten bloeien op bij echte praktijkopdrachten en hebben een broertje dood aan droge theorie. Ze zien hun werk als iets persoonlijks, wat presenteren en feedback krijgen soms spannend maakt. Juist door hen hun keuzes te laten verdedigen en kritisch naar elkaars werk te laten kijken, transformeren ze van enthousiaste makers naar professionele adviseurs die precies weten hoe ze een briefing vertalen naar een resultaat dat staat als een huis.

Kwalificatie dossier eisen & kaders

Hoewel het kwalificatiedossier niet in detail treedt over mijn exacte werkzaamheden, is de essentie duidelijk: de student leert media-uitingen effectief in te zetten voor Marketing, Communicatie en Events. Dit stelt hen in staat om later bedrijven strategisch te adviseren en toeleveranciers concreet aan te sturen op het gebied van media-inzet.

Hoe ik het vanaf nu ga aanpakken:

  1. Macro (Landelijk): Ik ga niet meer zomaar met een project aan de slag omdat een collega het vraagt. Ik ga voortaan eerst het Kwalificatiedossier van de MCE-opleiding erbij pakken. Mijn doel is om te checken of de opdracht wel echt bijdraagt aan de landelijke exameneisen, zodat de tijd die studenten in het lab besteden ook echt waarde heeft voor hun diploma.
  2. Meso (Schoolniveau & Summa Flex): Ik ga mijn opdrachten ontwerpen met het Summa Flex-principe in mijn achterhoofd. Dit betekent dat ik niet langer alleen ad-hoc klusjes uitvoer, maar bewuste, flexibele leerpaden ontwerp die passen binnen de visie van de school. Ik wil dat studenten in het lab de ruimte krijgen om modulair en op hun eigen tempo te werken, binnen de kaders van de OER*.
  3. Micro (De werkvloer): In de dagelijkse praktijk van het Skillslab ga ik die “droge” kaders vertalen naar vette praktijkopdrachten. Ik zorg voor een duidelijke structuur en leerdoelen, maar laat de route ernaartoe vrij (de ‘flex-gedachte’). Zo kan de ene student focussen op de strategie en de andere op de uitvoering, terwijl ik zeker weet dat ze allebei aan de juiste doelen werken.

*De OER is de vertaling van de landelijke wetten (Macro) naar de dagelijkse praktijk op jouw school (Meso). Als jij je onderwijs ontwerpt, check je altijd of het “OER-proof” is.

Toetsing en onderbouwing

Nadat de media-uitingen aan de hand van lopende projecten of praktijkopdrachten in samenspraak zijn gerealiseerd, volgt er een evaluatiemoment. Hierbij kan gekozen worden voor een directe beoordeling, of voor een extra processtap waarin reflectie centraal staat. In deze stap presenteren de studenten hun resultaten, waarna zij feedback ontvangen van zowel de docent als hun medestudenten (peer-feedback).

Reflectie op mijn professionalisering

Ik sta nu aan het begin van deze nieuwe werkwijze. De PDG-opleiding heeft me de ogen geopend: ik wil van een ‘uitvoerder’ die reageert op vragen, groeien naar een onderwijsontwerper die zelf de regie voert. Door macro, meso en micro als kompas te gebruiken, borg ik de kwaliteit en de flexibiliteit in het Skillslab voor de MCE-opleiding.