Deze trainingsdag draait om het ervaren en onderzoeken van de vijf leerkunsten van School OSER: reflecteren, onderzoeken, samenwerken, ontdekkend leren en feedback. Deelnemers doen dat via een interactieve bekerstapel-activiteit, een casus (‘Mirjam’), groepsdiscussies en theorie-inbreng. Centraal staat bewust handelen, experimenteren in teamverband en leren van fouten.
Lees meer
Activiteit ‘bekertjes stapelen’
Opdracht: draai en stapel bekertjes met alleen elastiekje en touwtjesRegels: handen mogen niet op elastiek, stilte bij strategieplanningDrie rondes van 1 minuut, na elke ronde feedback en strategiewijzigingSpanning en competitie: scores van 0 tot 13 bekertjes
Evaluatie bekeractiviteit
Resultaten per team bespreken en vergelijkenLessen: teamwork, reflectie, onderzoekende houding en ontdekkend lerenAfkijken als leervorm: openlijk leren van succesvolle teamsSoft skills: nieuwsgierigheid, feedback geven en ontvangen
Casus Mirjam – reflectie op leerstijl
Verhaal: docent in opleiding die gewend is aan gestructureerd lerenKenmerken: perfectionistisch, zelfstandig, weerstand tegen onduidelijke opdrachtenDiscussiepunten: herkenning eigen leerervaring, impact van traditionele didactiek
Bespreking onderwijsstructuur en autonomie
Verschil tussen uitgestippeld en zelfsturend lerenRol van checklists versus open opdrachtenNoodzaak van balans tussen structuur en eigen ontdekking
Leerdoelen en kern van de sessie
Kennismaken met vijf leerkunsten van School OSER
Ervaren van nut en toepassing in de eigen lespraktijk
Overzicht van de vijf leerkunsten
- Reflecteren: spiegelen op eigen handelen en teamproces
- Onderzoeken: onderzoekende houding en vragen durven stellen
- Samenwerken: strategieontwikkeling, afstemmen en resultaatdelen
- Ontdekkend leren: experimenteren, trial-and-error, rubbertegelmetafoor
- Feedback: geven/ontvangen op taak, proces en zelfregulering
Rubbertegelgeneratie als metafoor
Overbescherming ondermijnt leerprocesFouten en onzekerheid nodig voor duurzame ontwikkeling
Praktische toepassing – groepsonderzoek
Vijf groepen werken elk uit één leerkunst
Poster maken met kernbegrippen, voorbeelden en visualisaties
Presentatieronde: korte uitleg, rondlopen en vragen beantwoorden
Feedbackmodel en niveaus
Vier feedbackniveaus: taak, proces, zelfregulering, persoon
Handvatten: gerichte vragen per niveau voor effectiviteit
Bewustwording eigen emotionele reactie op feedback
Verdieping en professionele identiteitLeren is meer dan methode: houding, creativiteit en intuïtieBelang van veelzijdigheid: didactiek + persoonlijkheid + ervaring
Conclusies
Bewust handelen is kern: reflectie en onderbouwing van keuzes
Experiment en samenwerking stimuleren diepgaand leren
Ruimte voor fouten onmisbaar: fouten leiden tot nieuwe inzichten
Professionele ontwikkeling omvat theorie, praktijk én persoonlijke groei
De eerste groep studenten presenteerde hun mini les zoals in de vorige lessen als opdracht is gegeven. Elke les komt een andere groep aan bod. Deze eerste groep studenten bedacht nieuwe familietradities, bedachten daarbij naam en traditie, en presenteerden die kort aan de klas. Daarna bespraken ze verschillende didactische principes:
Zintuiglijk rijke werkvormen (kijken, luisteren, proeven, ruiken) om betrokkenheid te vergroten.
Reflecterend leren (terugkijken op je handelen, vaststellen wat je al kan en wat je volgende stap wordt).
Feedback en feedforward: observatie, momentopname en heldere criteria koppelen aan concrete tips voor verbetering.
Samenwerkend leren: wederzijdse afhankelijkheid én individuele verantwoordelijkheid in groepsopdrachten.
Onderzoekend leren: van interesse wekken en voorkennis activeren via onderzoeksvragen, informatie verzamelen, coöperatief werken tot presentatie en evaluatie.
Al deze stappen helpen studenten om geleidelijk zelf eigenaar te worden van hun leerproces en hun professionele ontwikkeling.
SamengevatIn deze sessie zijn uiteenlopende didactische en pedagogische concepten besproken, steeds met de vraag: hoe pas je ze concreet toe in de lespraktijk? Thema’s als leerdoelen en taxonomie, breinleren, differentiatie, groepsdynamiek, mindset, zorgstructuren en de inrichting van een PDG-reisplan kwamen aan bod. De focus lag niet op betekenis, maar op transfer: wat heb je al gedaan en wat ga je ermee doen?
Intern dilemma en praktijktoepassing
Deelnemers kozen een kaart met een concept en reflecteerden niet op de betekenis, maar op hun acties en plannen.Belangrijk: vertaal theorie onmiddellijk naar concrete lesactiviteiten, bespaar jezelf ‘alles uitproberen’ en richt je op toepasbaarheid in jouw praktijk.
Leerdoelen, taxonomie en OBIT
Gebruik heldere werkwoorden uit Bloom’s taxonomie (onthouden, begrijpen, toepassen, analyseren, evalueren, creëren) om leerdoelen te formuleren.
OBIT (Onthouden, Begrijpen, Integreren, Toepassen) als vereenvoudigde leerfases; bewust kiezen welk niveau je target.
Voorbeeld: ‘kan gewrichtsaandoeningen onderscheiden en beschrijven’ – dit is een specifiek geformuleerd doel op basis van toepassen en begrijpen.
Geheugen, breinprincipes en zintuiglijke rijkheid
Uitleg van sensorisch geheugen → kortetermijngeheugen → codering naar langetermijngeheugen.
Herhaling en praktijkvoorbeelden versterken de opslag in het brein.
Zintuiglijk rijke leeromgeving: begin met praktische opdrachten, proefjes of raadsels om theorie te ontsluiten.
Leervoorkeuren & meervoudige intelligenties
Deelnemers ontdekten dat ze vooral visueel en denkend (denker) zijn, en zetten dit in om anderen aan het denken te zetten.
Pas meervoudige intelligenties toe door variatie in opdrachten: luisteren, bewegen, tekenen, interactie, muziek.
Advies: experimenteer bij lesvoorbereiding met drie intelligenties en evalueer de klasreactie.
Differentiatie en klassendistributie
Niveauverschillen (2, 3, 4) en leervoorkeuren vragen verschillende opdrachten of tempo.
Differentiatiemodel: verlengde instructie – laat sterke studenten zelfstandig werken, geef extra uitleg aan zwakkeren.
Bewustzijn groeit met ervaring; probeer van tevoren leerniveaus in te schatten voor effectiever tijdgebruik.
Lesvoorbereiding, structuur & evaluatie
Structuur: zorg voor duidelijke leerdoelen, bijbehorende werkwoorden en een logisch verloop.
Eindevaluatie moet aansluiten op de leerdoelen: wat ga je toetsen en hoe?
Tip: houd een lesvoorbereidingsformulier bij, maak foto’s of film fragmenten van opstelling en uitvoering.
Mindset & verwachtingen
Growth versus fixed mindset: geloof in ontwikkeling en hoge verwachtingen; denk niet ‘die leerling komt niet verder’. Hoge verwachtingen stimuleren prestaties, ook bij zwakkere of minder gemotiveerde lerende.
Reflectie en kernkwaliteiten
Reflecteer op eigen handelen: wat ging goed, wat niet? Vraag collega’s en studenten om feedback. Kernkwaliteiten herkennen én benutten in teamverband; compenseer zwaktes door samen te werken. Houd ook je allergieën in de gaten (bv. slachtofferrol) en gebruik die bewust in interactie.
Conditionering, gedrag & technologie- Behaviorisme en beloningsprincipe: telefoonalgoritmes conditioneren gedrag (verkregen via Zweedse docent en documentaires). Ga met studenten in gesprek over effect van sociale media, zonder oordeel, en activeer bewustwording.
Voor didactiek: voorspelbaarheid creëren en begrijpelijke regels om gewenst gedrag te stimuleren.
Groepsdynamiek & klasmanagement
Fases volgens Tuckman: forming, storming, norming, performing – elk vraagt om andere interventies. Gebruik tools als sociogrammen om informele leiders en uitgesloten leerlingen te signaleren. Ontwerp activiteiten (rollenspellen, discussies, icebreakers) die groepsprocessen positief sturen.
Passend onderwijs & zorgstructuur
Signaleren van speciale ontwikkelbehoeften: ADHD, dyslexie, hoog talent, IEP’s.Ken de interne (zorgcoaches, -coördinator) en externe (schoolmaatschappelijk werk) lijnen voor doorverwijzing. Toon in bewijsmateriaal je plan van aanpak, reflecties en interviews met zorgprofessionals.
PDG-reisplan & bewijsmateriaalDrie fasen: ontwerp, uitvoering, evaluatie van een leertraject. Kies een vak of project, overleg met teamleider over inzet volgend jaar. Verzamel feedback (video, interviews, enquêtes), theoretische onderbouwing en reflecties in portfolio. Focus op wat je hebt gedaan en gaat doen; portfolioproducten hoeven niet nieuw te zijn, maar wél van een theorie-reflectie te voorzien.
Conclusies
Theorie en praktijk moeten hand in hand gaan: maak bewust transfer in je eigen lessen. Formuleer leerdoelen met taxonomie, differentieer, benut breinprincipes en varieer in leeraanpak. Bouw aan sterke pedagogische relaties, hoge verwachtingen en groeimindset; vraag actief feedback.
Ontwikkel een PDG-reisplan: kies een focus, onderbouw met theorie, verzamel bewijsmateriaal, reflecteer en evalueer. Gebruik het A4-overzicht met alle besproken concepten om gericht te experimenteren en je didactisch repertoire uit te breiden.


















